Océ

De waarde van Océ

Océ laat zich overnemen door Canon. Venlo’s trots heeft zichzelf te goedkoop verpatst, menen beleggers. Wat is de waarde van een slimme, maar kwakkelende printerfabrikant?

océ | actueel

Tokio aan de Maas. Het is even slikken voor Venlo, voor de Nederlandse maakindustrie en geef toe, voor iedereen met een greintje chauvinisme achter de ribbenkast. Deze week maakte Océ bekend dat het onderdeel wordt van Canon. De Japanse gigant in camera’s en printers biedt 8,60 euro cash voor een aandeel ofwel 730 miljoen euro voor alle uitstaande stukken. Schulden en een pluk preferente aandelen inbegrepen waardeert dat Océ op 1,5 miljard euro.

Overnamepremie


Het bod betekent een overnamepremie van 70 procent ten opzichte van de slotkoers op de voorafgaande handelsdag, en zelfs een plus van 137 procent vergeleken met de gemiddelde koers over het afgelopen jaar. De top van Océ steunt het bod, net als een handvol grote aandeelhouders. Maar hoe fors de premie ook lijkt, de VEB was er maandag snel bij om te klagen dat beleggers met een fooi worden afgescheept. ‘Indien Océ na overname door een sterke partij overgaat in een groter geheel, kan de winstgevendheid sterk worden verbeterd. Dat geldt voor de overname door Canon, maar ook voor een overname door concurrenten als Hewlett-Packard (HP) en Kyocera,’ meldde de beleggerslobby. Die doet daarmee zijn werk: proberen het maximale te halen uit de zoveelste beursexit op rij.


Vorstelijk bod of schijntje? Canon betaalt 6,4 keer de ebitda-winst over het afgelopen boekjaar en 1,24 keer de verwachte boekwaarde van Océ. Dat zegt niet zoveel op het dieptepunt van een crisis, die de bouw en de financiële wereld, grote klanten voor printerleveranciers, heeft lamgeslagen. Volgens beleggers was de printerfabrikant vorige week iets meer dan 5 euro waard, ofwel 1,2 miljard inclusief schuld. De Océ-koers heeft al sinds het voorspel van de kredietcrisis in de zomer van 2007 een stijle neerwaartse lijn ingezet. Komend van een hoogtepunt boven de 18 euro werd de barrière van 10 euro in het voorjaar van 2008 geslecht. Het dieptepunt van 1,90 euro kwam in februari van dit jaar, waarna de printerfabrikant meehobbelde met het algemene herstel van de beurzen.

Océ heeft het dan ook zwaar te verduren. Het structurele probleem: Venlo is met een omzet van 2,7 miljard euro vele maten te klein om met de grote spelers uit de printindustrie – Xerox, Ricoh, HP – mee te kunnen doen. Het heeft zich teruggetrokken op een paar niches aan de bovenkant van de markt. Daarin is het in bepaalde gevallen de gerespecteerde marktleider, maar op termijn mist het de schaal en het R&D-budget om mee te kunnen in de technologische race. Samenwerkingsdeals met partijen als Konica Minolta en Fujifilm lossen dat maar ten dele op.

Imagistics


Alleen cash op de balans en overnamegeruchten die langskwamen, zorgden af en toe voor muziek in de koers. Dat veranderde toen topman Rokus van Iperen zich in de schulden stak om de Amerikaanse distributeur Imagistics te kopen. Océ leek weer in trek. Kort daarop ging de VS als eerste de recessie in. De combinatie van Amerikaanse exposure, twee kwartalen van verliezen en een schuldenberg die banken ongedurig maakte, dwong de koers dit jaar de afgrond in. Analisten hadden hun doelen tot deze week niet al te ambitieus gesteld. Zij kwamen uit op gemiddeld 7,22 euro. Is 8,60 daarmee een goede reflectie van de waarde van Océ voor de toekomst?


Nee, het levert een ‘aanzienlijke onderwaardering’ op, zegt Orbis. Vervelender dan de lokale beleggersklacht voor Canon en Océ was woensdag het bericht van deze hedgefondsmanager. Orbis zet met een belang van rond de 10 procent de hakken in het zand omdat het bod ‘het resultaat is van een gebrekkig onderhandelingsproces’.

Canon zal er niet meteen van gaan zweten. Het kocht deze week al meer dan 20 procent van de uitstaande aandelen Océ op de vrije markt, met als streven pas bij 30 procent te stoppen. De houders van preferente aandelen, ING, ASR en Ducatus, hebben hun stukken toegezegd, wat goed is voor nog eens 19 procent aan stemrecht. Opgeteld bij de 9,5 procent die Bestinver Gestion al aanbood heeft Canon deze week al 50 procent van Océ binnen. Maar pas zodra 85 procent van de stukken zijn aangemeld, doen de Japanners hun bod gestand.

Uit niets blijkt intussen dat Océ bieders tegen elkaar heeft uitgespeeld. Van Iperen noemde maandag althans geen namen, en zei geen idee te hebben of er een kans was op een concurrerend bod. Het door de Zuid-Afrikaan Allan Gray opgerichte Orbis had vorige maand al aangedrongen op een verkoop van Océ in delen. “Als de directie afzonderlijke biedingen voor elke businessunit had nagestreefd, had dat een veel hogere waarde voor aandeelhouders als resultaat gehad.”

Van Iperen maakte er al een jaar geen geheim van dat hij alle strategische opties voor de toekomst van Océ onderzocht. Sinds de aandeelhoudersvergadering dit voorjaar sloot hij een complete overname daarbij niet meer uit. Daarvoor is Océ bij de toptien van de printerindustrie langsgeweest om te praten voordat het in maart uitkwam bij zijn huidige koper. De grootste spelers hadden blijkbaar allemaal redenen om niet toe te happen.

Begrijpelijkerwijs vindt Canon zijn bod op Océ netjes. “Wij geloven dat ons bod voldoende is”, aldus een reactie op de muiterij van Orbis. De Japanners kunnen het Nederlandse bedrijf goed gebruiken als aanvulling op hun enorme printerdivisie. Die is goed vertegenwoordigd op de consumentenmarkt en in kantoren, maar juist de productiemachines zoals die van Océ misten nog. Dat zijn tekenkamerprinters, machines die in duizelingwekkende volumes A4’tjes uitbraken of kilometers kettingpapier bedrukken en printers waaruit reclameaffiches komen. Océ heeft dankzij de overname van het Amerikaanse Imagistics een flink eigen verkoopkanaal in Noord-Amerika, iets wat Canon ook ontbeerde. Hetzelfde geldt voor het redelijk grote dienstenbedrijf van de Nederlanders.

Voor Canon is Océ best wat waard, temeer daar de Japanse reus aan zet was in de consolidatieslag waarin de printindustrie is verwikkeld. Aartsrivaal Ricoh, na Canon de grootste Japanse producent van kantoorapparatuur, heeft vorig jaar de Amerikaanse distributeur Ikon opgekocht. Sindsdien broedde het op een tegenzet.

Maar wie zou een biedingsstrijd willen aangaan met Canon? Afgezien van partijen zoals Xerox, die Océ helemaal niet nodig hebben om hun positie te versterken, slaat de economische crisis een bres in de koopkracht. HP en Kyocera gelden als concurrenten die financieel nog wel in staat zijn Canons bod te overtreffen. Ricoh en Konica Minolta zuchten zelf onder een schuldenlast en lage marges.

Bijzonder jammer voor Konica Minolta, want juist die heeft als partner van Océ het meeste te verliezen bij de overname. Océ laat het maken van veel kantoorprinters aan Konica over. De partners verkopen elkaars producten en ontwikkelen nieuwe producten, waarvan de eerste juist deze zomer wordt gelanceerd. Desgevraagd schatte Van Iperen dat 20 procent van zijn kantoorprinteromzet van Konica-Minolta komt. Op termijn zullen die zeker worden vervangen door Canons.

Desondanks zit een rivaliserend bod er niet in, liet Konica Minolta zelf weten. Het neemt zijn verlies. Elke toenadering zou als vijandig worden afgedaan, en een vijandig bod druist in tegen de Japanse mores. Maar daarover weet Venlo sinds deze zomer alles te vertellen.


[ philip.bueters @reedbusiness.nl ]

Orbis et urbis: Bermudadriehoek


De Zuid-Afrikaan Allan Gray is voor zijn landgenoten hét voorbeeld van hoe ver je het overzee kunt schoppen. Na zijn studie aan Harvard liep de inmiddels 71-jarige accountant zich warm bij Fidelity, voordat hij in 1974 terugkeerde naar Kaapstad en voor zichzelf begon met Allan Gray Investment Counsel. Inmiddels weten Afrikanen niet eens meer dat achter de grootste pensioenbelegger van het land en een gelijknamige liefdadigheidsstichting een persoon schuilgaat. Pas toen Gray in 1988 op Bermuda Orbis Group vestigde en een kantoor in Londen opende, ging het echt hard met het beheerd vermogen. Verdeeld over een trits fondsen bestiert Orbis nu 20 miljard dollar van instituten en particulieren. Het heeft een goede hand van kiezen, want de Grays gelden met hun fondsen als outperformers. Soms bemoeien ze zich actief met hun bezit. In 2003 blokkeerde Orbis een bod van superbelegger Warren Buffett op prefab-bedrijf Clayton Homes via de rechter omdat het te laag was. Ook Citigroup kreeg in 2007 last met Orbis wegens een te laag bod op de Japanse effectenmakelaar Nikko Cordial. Orbis verzamelde opposanten en sleepte er een hogere prijs uit. In 2006 meldde Orbis een belang van 7,5 procent in Océ bij de Amerikaanse SEC. Volgens het persbericht van Orbis bezitten zijn fondsen ook nu nog ‘ongeveer’ 10 procent. Als Gray zijn reputatie waarmaakt, verzamelt hij genoeg stemmen om Canon op de knieën te dwingen.

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief