Twintig jaar na de val van de Muur is het oosten van Duitsland een succesverhaal. Maar voor veel Oost-Duitsers blijft het glas half leeg.
In 1994 was ik voor het eerst in het Oost-Duitse Leipzig, het was vijf jaar na de val van de Muur. Overal in het centrum waren nog littekens te zien van de Tweede Wereldoorlog (1939-1945). Wat me vooral is bijgebleven zijn de grasvelden waar ooit hele woonblokken hadden gestaan. Ook hing over de stad nog een grauwe sluier van DDR-lelijkheid en pure verwaarlozing. Dat Leipzig bestaat niet meer. Wie vijftien jaar later terugkeert, zoals ik onlangs deed, ziet geen grasvlaktes meer. Van de communistische kaalslag is nauwelijks nog een spoor te bekennen. De kosmopolitische, welvarende handelsplaats van weleer, voor de oorlog de vierde stad van Duitsland, is back to the future . Veel prachtige, oude gevels zijn gerestaureerd, DDR-architectuur heeft op veel plekken plaatsgemaakt voor glimmende, eigentijdse gebouwen. Het ingrijpend gemoderniseerde treinstation lijkt met zijn winkelcentrum zelfs op het taxfreegebied van een internationaal vliegveld. Zonde, meende een Nederlandse collega, het heeft geen karakter meer. Vroeger kon je in het duistere, kille station nog geen behoorlijke kop koffie krijgen, maar het was wel authentiek, vond hij. Deze opmerking deed me denken aan al die Oost-Duitsers die in dit jaar dat de val van de Muur groots wordt gevierd nostalgisch terugblikken op de DDR-tijd, ook al ging het de meesten van hen destijds aanzienlijk slechter dan nu. Na de Duitse hereniging van 1990 is de welvaart in het oosten spectaculair gestegen. Gemiddeld verdient een Oost-Duitser 80 procent van wat een West-Duitser binnenhaalt, het bezit van nieuwe auto’s is op vrijwel gelijk niveau, terwijl het huizenbezit in oost sterker groeit dan in west. Oost-Duitse pensioenen liggen tot 20 procent hoger dan West-Duitse. Jaarlijks vloeien miljarden aan subsidies van west naar oost. De infrastructuur is op veel plaatsen moderner dan in het westen. Alleen de werkloosheid ligt steevast hoger. Daardoor overheerst het gevoel dat het oosten slechter af is en veel dingen vroeger beter waren. Deskundigen wijzen er op dat er ook in de DDR grote welvaartsverschillen bestonden, vergelijkbaar met die in het westen. Maar in het oosten domineert het beeld van het rijke westen, terwijl West-Duitsers op hun beurt de armoede in het Oosten overdrijven. De materiële vooruitgang heeft de beide helften van het land mentaal nauwelijks dichter bij elkaar gebracht. Eén ding hebben oost en west echter gemeen en dat is: mopperen. Of, zoals een onderzoeker het onlangs beschaafd zei: de stemming is veel slechter dan de feitelijke situatie. Zo is het maar net.
Auteur(s): Oene van der Wal
Bron: FEM Business , jaargang 12 , nummer 44 , datum 31-10-2009
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business