Nog steeds staan er Nederlandse ondernemingen in de Fortune 500, de lijst van grootste ondernemingen ter wereld die het Amerikaanse zakenblad elk jaar publiceert. In de publicatie van 2009 stond ‘onze’ Royal Dutch Shell, na enkele jaren een derde plaats te hebben bekleed, weer op nummer één. En in de toptien stond zelfs nóg een oer-Hollands bedrijf: ING, op nummer acht. Een ding is zeker na de beslising om de bank-verzekeraar te splitsen: die naam staat er volgend jaar niet meer in. Net als ABN Amro. Dat stond in 2007 nog op nummer 67.
In totaal telde de Fortune 500 van 2009 12 Nederlandse ondernemingen. Eigenlijk zijn het er 11: vliegtuigfabrikant Eads is statutair gevestigd in Leiden, maar er is natuurlijk weinig Hollands aan. Volgend jaar zal er weer een Nederlandse naam minder op staan en het ziet er niet naar uit dat het daarbij blijft.
Is dat iets om over te treuren? Ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik zie het toch met enige weemoed aan. Net als de meeste Nederlanders voel ook ik enige trots als ik in het buitenland hoor praten over de ‘Finanzriese ING’ of ‘leading oilproducer Royal Dutch’. Het internationale karakter van Fortune 500-ondernemingen trekt veel talent aan, dat ook Nederland bezoekt en zich hier soms vestigt. Dat zal allemaal net iets minder worden.
Rationeel gezien is er natuurlijk niets bijzonders aan de hand. De gestage afname van het aantal Nederlandse ondernemingen in de Fortune 500 weerspiegelt de relatieve afname van de betekenis van onze economie. Ondernemingen uit landen als China, India en Brazilië nemen hun plaats in. En dat biedt onze beste bedrijven ongelooflijk veel nieuwe kansen. Dat zijn niet langer automatisch ook de grootste.
[ arne.van.der.wal@reedbusiness.nl ]
31|10|1985
Wubbo Ockels vliegt met Challenger de ruimte in
Auteur(s): Arne van der Wal
Bron: FEM Business , jaargang 12 , nummer 44 , datum 31-10-2009
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business