DSB

Lakemans wanhoopsoffensief

Hoe een onrechtbestrijder in zijn nadagen bij DSB Bank wild om zich heen slaat. Wilde hij zijn concurrent het gras voor de voeten wegmaaien?

dsb | actueel

Er trekt die donderdagmorgen een lichte bui over Nederland. Sumatra is getroffen door een aardbeving. Het is precies één jaar geleden dat Fortis van de ondergang gered moest worden. En het is bijna één jaar geleden dat de IJslandse internetbank Icesave de deuren sloot, waardoor er paniek ontstond onder Nederlandse spaarders.


Die ochtend, het is 1 oktober, zit Pieter Lakeman, bestrijder van malafide bedrijven en accountants, stijfjes achter de gesprekstafel van Goedemorgen Nederland. Zijn handen verbergt hij onder het bureaublad. De presentator steekt onmiddellijk van wal: ‘DSB moet failliet?’ ‘Ja’, zegt Lakeman met knarsende stem. ‘Het is geen doel op zichzelf, maar een middel om de belangen van de benadeelde partijen te behartigen.’

DSB behartigt volgens hem alleen de belangen van voorzitter Scheringa. Bij een faillissement wordt een curator benoemd die de belangen van iedereen behartigt, ook die van benadeelde polishouders, aldus Lakeman. De polishouders hebben een schade geleden van ‘aanzienlijk meer dan 1 miljard’. Spaarders moeten hun geld weghalen, dan gaat de bank failliet. Nou ja, eigenlijk maakt het niet uit wat de spaarders doen, vervolgt hij. DSB gaat sowieso failliet. ‘Ik ben stellig van mening dat dat zal gebeuren.’
Is het verantwoord om in deze tijd op te roepen een bank te slopen, vraagt de presentator. DSB is volgens Lakeman een ‘klein bankje, op hypotheekgebied een microspelertje’. Lakeman: ‘Het is absoluut geen gevaar voor de maatschappij of het financiële systeem. De spaarders moeten, ik weet niet wanneer de kantoren opengaan, zo spoedig mogelijk hun geld weghalen.’ Zijn gezicht vertrekt geen spier.

Lakeman kan tevreden zijn. De ridder met het Latijnse motto cedo nulli (ik wijk voor niets of niemand) heeft op zijn manier een aardbeving veroorzaakt in Nederland. De internetbank van DSB bezwijkt bijna onder de transacties. Scheringa biedt zijn excuses aan. De woorden van Lakeman worden zelfs op de IMF-vergadering in Istanboel gehoord. DNB-president Wellink is boos en vraagt zich hardop af of de uitlatingen van Lakeman niet strafbaar zijn.

Het is Lakeman ten voeten uit. Bijna 35 jaar strijdt de nu 67-jarige tegen onrecht. De Ondernemingskamer in Amsterdam kent hij als geen ander. Zijn eerste juridische procedures begint hij in 1974. De jaarcijfers van Koninklijke Scholten Honig kloppen niet, zegt hij. Hij wint. Van de 27 aangespannen procedures – de laatste tegen AkzoNobel – worden er ’17 gewonnen, 5 niet-ontvankelijk verklaard, 4 verloren en 1 zaak afgebroken’, meldt hij trots op zijn website. Zijn vechtlust is enorm.


Banken


In de jaren tachtig neemt hij met boeken als Failliet op krediet de rol van banken onder vuur. Om toch nog geld terug te krijgen bij faillissementen maken banken gebruik van ‘bedrieglijke bankbreuk’. Sinds 1993 procedeert hij voor 212 Overijsselse melkveehouders die geld zijn kwijtgeraakt door subsidiefraude bij melkfabriek Heino Krause. De procedure is zestien jaar later nog steeds niet beëindigd, laat de door Lakeman belaagde voormalige Heino Krause-accountant Ernst & Young weten: “De zaak is nooit formeel afgesloten door een eindoordeel van de rechter en loopt dus nog.”


De juridische vechtmachine combineert de dadendrang met een goed ontwikkeld gevoel voor pr. Na de onthulling van de fraude bij Ahold in 2002 kondigt hij aan toenmalig ceo Cees van der Hoeven ‘de bijstand in te willen procederen’. De accountant van Ahold, Deloitte, neemt hij eveneens op de korrel: ‘Vergeleken met Deloitte is Van der Hoeven maar een kleine, criminele krabbelaar.’ Bij elke fraude staat wel een accountant een andere kant op te kijken, vertelt Lakeman. Dat hij ongenuanceerd uit de hoek kan komen, weet hij zelf maar al te goed. Het is een bewuste keuze. ‘Als ik me als een jurist ga uitdrukken, haakt jan modaal af. Ik wil binnen de fatsoensnormen blijven, maar vooral begrijpelijk zijn’, zegt hij in een interview.

Onderzoeksjournalist Marcel Metze, schrijver van boeken over perikelen bij NMB-Postbank ( De geur van geld ) of de bijna-ondergang van Philips ( Kortsluiting ) weet hoe ongenuanceerd Lakeman kan zijn. Als Philips door toenmalig topman Jan Timmer gered wordt, publiceert Lakeman een officieuze biografie van 100 jaar Philips . ‘Als geen ander slaagt Philips erin met boekhoudkundige trucs de gevolgen van wanbeleid te maskeren’, schrijft Lakeman op de achterflap. Tijdens de boekpresentatie verkondigt Lakeman stellig dat Philips na een aantal jaren failliet zal gaan.

Metze, die voor zijn boek Philips-mensen wil interviewen, merkt dat de luiken bij het bedrijf dichtgaan. ‘Het kostte veel moeite mijn potentiële gesprekpartners ervan te overtuigen dat ik a) geen communist, maar een onafhankelijk economisch journalist was en b) geheel andere bedoelingen had dan Lakeman’, meldt Metze terugblikkend op zijn website. Het boek van Lakeman over Philips was in de ogen van Metze een ‘zwakke publicatie met het karakter van schotschrift’.

“Het is makkelijk om het simpel te zeggen”, zegt Metze. “Het is makkelijk om wilde dingen te roepen. Daar trek je natuurlijk alle aandacht mee. Het is ingewikkelder om iets goed uit te zoeken en uit te leggen. Lakeman hoort bij de provocerende types. Dat gaat vaak ten koste van de grondigheid bij zijn publicaties. Hoe de kwaliteit van zijn onderzoek is voor de juridische procedures weet ik niet. Daar heb ik geen mening over”, aldus Metze. Dat Lakeman met harde uitspraken komt, zorgt er wel voor dat zijn bekendheid groeit. “Over het algemeen is zijn imago er niet slechter van geworden, hoewel je nu toch ook hoort dat hij een stap te ver is gegaan. Die DSB-actie vind ik wel twijfelachtig.”


Hypotheekleed


Heeft Lakemans laatste DSB-oproep iets te maken met zijn voorzitterschap van Stichting Hypotheekleed? Deze stichting waarvan Lakeman in augustus de bestuurshamer overnam, strijdt namens gedupeerde DSB-polishouders tegen het vehikel van Dirk Scheringa. Lakemans stichting is in een strijd verwikkeld met de Stichting Steunfonds Probleemhypotheken die geleid wordt door Jelle Hendrickx. Hendrickx lijkt betere kaarten te hebben. Hij krijgt steun van het tv-programma Tros Radar. Daarnaast lijkt er een financiële regeling getroffen te kunnen worden met DSB.


Opvallend is het tijdpad. Op 30 september onderhandelen DSB en Hendrickx weer over de regeling. Er ligt een voorlopig akkoord op tafel. Een dag later verschijnt Lakeman met zijn pleidooi op tv om de bank de nek om te draaien. Wil hij de onderhandelingen dwarsbomen? Een faillissement zou in het belang zijn van de gedupeerde polishouders, beweert Lakeman. Een raadselachtig standpunt, vinden faillissementsadvocaten. Lakeman zou als jurist moeten weten dat de polishouders bij een faillissement ‘concurrente crediteuren’ worden. Ze staan achteraan in de rij. Grote partijen als de belastingdienst gaan voor. De kans dat de polishouders iets terugkrijgen is klein.

Claimadvocaat Dion Bartels vindt de actie van Lakeman “onbegrijpelijk”. Bartels: “Emotioneel begrijp ik hem wel. Ik identificeer mij met vechters als Peter Paul de Vries en Pieter Lakeman. Ik heb dezelfde manier van werken, dezelfde kijk. Ook wij vertegenwoordigen DSB-klanten. Ik heb natuurlijk ook een commercieel belang bij procedures tegen DSB, maar wat hij nu heeft gedaan is maatschappelijk gezien ontoelaatbaar.” 


Zijspoor


Eckhardt Dulfer, hoofdredacteur van het vakblad voor tussenpersonen InFinance , vindt dat Lakeman zich met zijn uitlatingen op een zijspoor heeft geplaatst. DSB onderhandelt met Hendrickx, Lakemans concurrent. Dulfer: “Hypotheekleed, waarvan Lakeman de voorzitter is, praat niet meer mee, omdat hij uitlatingen heeft gedaan over een faillissement van DSB. Hij denkt dat zijn polishouders bij de ondergang van de bank hun geld terugkrijgen. Maar duizenden andere raken juist hun geld kwijt.”


Dulfer: “Het is triest om te zien dat iemand die in het verleden zoveel zaken boven water heeft gehaald, nu aan het eind van de rit zo wild om zich heen slaat. Lakeman kan wel zeggen dat DSB een kleine bank is, maar als de bank failliet gaat, moeten de belastingbetalers of de andere banken ervoor opdraaien. Als die bankrun was doorgegaan, waren veel mensen in de problemen gekomen. Hadden we dan een Stichting Lakeman-leed moeten oprichten? Dat is een beetje goedkope opmerking, maar ik denk dat hij een beetje de weg kwijt is.” Overigens vindt Dulfer DSB medeschuldig aan het drama. “DSB is veel te traag geweest bij het oplossen van de problemen. Dan heb je wel grove middelen nodig om iets te bereiken.”


Lakeman wilde niet reageren op dit artikel.

 [ walter.devenijns @reedbusiness.nl ]

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief