‘Ik laat
anderen
altijd
delen’

Jan Holleman
 president-commissaris Anteryon

Het Nederlandse Anteryon verovert de wereld met minuscule lenzen voor mobiele telefoons. Vanuit Monaco geniet investeerder en president-commissaris Jan Holleman van het succes.

wat verder ter tafel komt

Heet is het in Monaco. Het briesje onder het tentdoek van restaurant Avenue 31 en de Toscaanse rosé maken dat het toch uit te houden is. Terwijl buiten de Ferrari’s en Rollsen flaneren, bulderlacht Jan Holleman (62) nog maar eens. “Ik ben zeer tevreden met de ontwikkelingen op dit moment, kan ik je zeggen!”


Het is ook een spectaculair verhaal. De in Monaco woonachtige vastgoedman loopt op de Boat Show iemand tegen het lijf die een briljante Philips-dochter aanprijst. Het concern wil af van de maker van lensjes, het is geen kernactiviteit meer. Het klikt, en hoewel Holleman weinig sjoege heeft van elektronica, neemt hij het bedrijfje over. Dat was in 2006. Inmiddels is Anteryon, zoals de spin-off heet, op weg de grootste leverancier van lensjes voor gsm-camera’s te worden. De eerste Nokia met Anteryon-lens is al leverbaar, en omdat Nokia ruwweg 40 procent van de gsm-markt beheerst, kan het alleen maar hard gaan. Met andere topfabrikanten hebben de Eindhovenaren ook contracten. Dit jaar verwachten ze tientallen miljoenen lenzen te verkopen, goed voor een omzet van 20 miljoen. Volgend jaar worden het 150 miljoen lensjes of meer.


“Heb je ze weleens gezien?” Holleman is voor de gelegenheid in pak gestoken, vaker is hij rond deze tijd een stukje varen of hij loopt zich in het zweet langs de boulevard. Hij opent een doosje met tientallen blokjes, lensjes met fotosensor. “Speldenprikjes. Hoe kunnen ze het maken, hè? Briljant.”


Dankzij een procedé uit de halfgeleiderindustrie weet Anteryon de lensjes goedkoper te leveren dan zijn concurrenten. Die technologie was al in huis, maar de nieuwe eigenaren van Anteryon hebben nog eens 22 miljoen gestoken in de doorontwikkeling ervan. Holleman kreeg als aandeelhouder gezelschap van de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM), BNP Paribas en een handvol particulieren, die Holleman via zijn Monegaskische netwerk aanbracht. “Waarom ik het aandurf om die als investeerder te werven? Kun je mij één ander artikel noemen waarin ik meer zou geloven dan in een gsm-toestel?” Het belang van de president-commissaris zelf is verwaterd tot 22 procent, Anteryon heeft nog één kapitaalinjectie nodig om winst te gaan maken. Die is op een haar na geregeld.

Holleman is onbekend als technologie-investeerder, maar ook in het vastgoed is hij inmiddels low profile . Hij verkocht zijn portefeuille al in 2000 en emigreerde. “Dat heeft niets te maken met belasting. Als je daarvoor naar Monaco gaat, heb je het écht niet begrepen. Je bent beter af in Nederland, met een paar bv’s is het daar fiscaal niet zo beroerd.”

Nee, Holleman werd verliefd op Monaco toen hij met wat “vrienden uit de Formule 1” op bezoek was. “Het is hier rustig, veilig en schoon. Mensen laten elkaar in hun waarde, het is gewoon een fatsoenlijke, normale maatschappij. Eerlijk gezegd vind ik het in Nederland maar een rommeltje tegenwoordig.”

Hollemans appartement ligt een blok verderop en kijkt vanaf een ruim balkon uit over zee. Comfortabel, zeker niet poenig. Toch staat de Princesse Grace te boek als duurste straat ter wereld, met vierkante-meterprijzen tot 100.000 euro. Natuurlijk heeft Holleman ook een bootje, en auto’s waarin hij niet opvalt tussen het overige weelderige blik. Een liefhebber van het fauvisme en de Haagse school is hij ook, getuige de doeken die hier en in zijn Wassenaarse pied-à-terre hangen. “Hobby hoor, geen handel. Hoewel ik het toch wel erg leuk vind om iets voor een interessante prijs te kopen.” Toch draait het bij de goedlachse zakenman minder om uiterlijk vertoon dan om het plezier ervan, het genieten.

Dat heeft zijn oorzaken. Holleman raakte tijdens de vastgoedcrisis begin jaren tachtig volledig aan de grond. Als zoon van de Haagse voetbalprof Jan Holleman groeide Jan junior op bij zijn moeder in Voorburg. “Mijn oudeheer speelde in het Nederlands elftal tussen Faas Wilkes en Kees Rijvers. Onvoorstelbaar, hoe beroemd de voetballers vlak na de oorlog waren. Later heeft hij jazzcafé’s gehad en modezaken.” Uitgerekend vandaag dertien jaar geleden is Holleman senior overleden. “Bij de derde hole van golfbaan Leeuwenbergh! Daar kun je echt een boek over schrijven, die man.”

Net als vader was ook junior sportief. Na de hbs vertrok hij naar Australië om wat van de wereld te zien. Naar eigen zeggen als keurig, beschermd opgevoed ventje. Zijn geaffecteerde dictie is daarvan nog een residu. In Sydney speelde hij twee jaar professioneel, terug in Nederland schopte hij het tot het tweede van Sparta. “Maar ik was te klein en te licht met mijn 66 kilo.” Echt goed betaald was de voetballerij ook niet, dus ging Holleman de makelaardij in. “In Australië huurde ik. Het enige wat de eigenaar deed was huur incasseren en in de zon liggen. Dat sprak mij toch wel aan moet ik zeggen!”

Holleman leerde het vak bij makelaars tot hij in 1977 voor zichzelf begon. “Tot die tijd deed ik al zaken met mijn moeder. Als ik tegen een mooi pandje aanliep, verkocht ik dat aan haar. Ik zorgde wel dat mama mooie spullen kreeg!” Hollemans portefeuille groeide geleidelijk. Van portiekwoningen tot winkels en vervolgens kantoren. “Ik heb het redelijk bescheiden gedaan, hoor. De latere generatie kreeg zomaar 100 miljoen van de bank mee.”

Eind jaren zeventig kwam de klap. “De hypotheekrente ging in één keer van 8,5 naar 14,75 procent. Kun je het je voorstellen? Alles ging onderuit, al mijn vennootschappen. Ik moest gedwongen verkopen tegen prijzen 40, 45 procent onder de boekwaarde. De hypotheekbanken gingen ook onderuit, maar die kwamen in een vangnet terecht. Wij als particulieren moesten bloeden.”

Holleman ging persoonlijk failliet en vertrok in 1984 naar de VS, waar hij vastgoed beheerde voor een bevriende Nederlandse familie. Omdat hij toch zelf iets wilde opbouwen, keerde hij terug naar Nederland. Met zijn schuldeisers kwam hij een saneringsregeling overeen. “Ik was pas in 1992 schoon. Ga er maar aan staan: tot dat moment kreeg ik nergens een hypotheek en moest ik alles wat ik verdiende wegbrengen. Dat waren zware jaren. Je levensstandaard bevond zich op een bepaald niveau.”

Na 1992 groeide er weer een flinke portefeuille met winkels en kantoren. En dit keer stapte de vastgoedman wel op tijd uit. “In 1999 kon ik geen personeel meer krijgen. De korte rente liep op, maar de prijzen ook. Ik dacht: dat gaat nooit lang goed.”

En sindsdien doet u het rustig aan?


SDLq No way , dat bestaat niet in mijn boek. Als het aan mij ligt, ben ik op mijn 73ste actiever dan nu. Het is zo leuk! Ik kijk altijd naar gelegenheden. Ik ben nu bezig met een paar kleine dingen.”


Het lijkt soms alsof iedere jan doedel rijk kan worden in het vastgoed. Wat is de kunst?


“Punt één: ik heb mijn zaken altijd goudeerlijk gedaan. Ik ben ook nooit in contact geweest met personen die dubieus in de krant staan. Punt twee: ik laat anderen altijd delen. De markt weet dat, dus als ik iets tegenkom, staan partijen klaar met geld. En natuurlijk moet je overal komen, je verhaal vertellen.”


Uw faillissement als goede marketing?


“Ja hoor. Het levert soms contacten op, die schuiven me projecten toe die zó naar een ander hadden kunnen gaan. Weet je wat het is? Je moet niet met veel bravoure komen vertellen hoe geweldig je het voor elkaar hebt. Een eerlijk verhaal werkt beter.”


U weet alles van stenen, weinig van hightech.


“Mijn eerste reactie toen ik Anteryon kreeg aangeboden was inderdaad: doe mij een lol, ik ben maar een eenvoudig onroerendgoedmens, dit gaat me boven de pet. Maar een goede vriendin van me is een kei in cijfers. Ze kwam zó enthousiast terug van een due diligence, dat ze wilde meedoen. Zo was er een clubje van mensen met verstand van zaken dat overtuigd was. Dat gaf me vertrouwen.”


En binnenkort is het tijd om te cashen?


“Natuurlijk zijn er al ondernemingen geïnteresseerd in een overname. Maar ik maak liever eerst waar wat we kúnnen waarmaken. Laat ze dan nog maar eens terugkomen. Ik denk dat Philips nu ook denkt: was het wel zo verstandig om eruit te stappen?”


Hier in Monaco bent u maar een kleine jongen. Bent u zo hard bezig om uzelf te bewijzen?


“Nee, dat is het niet. Je ziet hier om je heen hoe mensen in hun korte leven iets groots kunnen bereiken. Dat geeft me een stimulans om door te gaan. Geen jaloezie, bewondering is het juiste woord. Het gaat mij erom steeds een stapje verder te bouwen.”



[ philip.bueters @reedbusiness.nl ]

Waar?


Avenue 31, Monte Carlo


wat?


Voorgerecht: rauwe tonijn met wasabi Hoofdgerecht: dorade in bananenblad Erbij: Vallombrosa 2008


kassa


wat verder ter tafel komt

‘Ik maak liever eerst waar wat we
 kúnnen waarmaken’
  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief