Er is nog geen reden tot paniek. Maar waar moet u naar kijken om te bepalen wanneer paniek wel op z’n plaats is?
Volgens de Nederlandse rekenwijze had Nederland in juli nog net te maken met inflatie. De prijs van het mandje goederen en diensten dat de Nederlanders kopen, steeg met 0,2 procent. Maar gemeten met de Europees voorgeschreven lat zijn de prijzen licht gedaald: 0,1 procent. Het was de eerste prijsdaling sinds 1997.
Nederland is met zijn prijsdaling geen uitzondering in Europa (zie tabel). Ook Frankrijk, Duitsland, België, Ierland, Cyprus, Portugal, Slovenië, Italië, Spanje, Luxemburg en Oostenrijk verkeren in dat gezelschap. Als prijzen dalen, spreken economen van deflatie. Is deflatie bezig met een onderwerpingstocht door Europa? En hoe erg is dat?
Strikt genomen heeft Europa niet te maken met deflatie. Daarvan is pas sprake als prijzen aanhoudend én over een brede linie dalen. De prijsdaling van de afgelopen paar maanden is vooral toe te schrijven aan de ineenstorting van de energieprijzen in de tweede helft van vorig jaar. De prijs van een vat olie is gekelderd van bijna 150 dollar naar circa 70 dollar.
Daarnaast heeft ook de daling van de voedselprijzen een belangrijke rol gespeeld, aldus Janet Henry, een econome van de Britse bank HSBC. Andere spullen zijn juist duurder geworden. Net als veel andere economen verwacht zij daarom dat de duik onder de grens van 0 procent tijdelijk zal zijn. Binnenkort keert de inflatie terug naar het vertrouwde terrein boven 0 procent.
Centrale bankiers hopen daar vurig op. Inflatie is het beest dat ze kennen, ze weten welke instrumenten ze moeten gebruiken om dat aan te pakken. Met hardnekkige deflatie weten ze zich geen raad. Bij deflatie verwacht de consument dat de prijzen verder zullen dalen, waardoor hij de hand op de knip houdt. Logisch, anders zou hij een dief van zijn eigen portemonnee zijn. Hij wacht geduldig af tot het winkelpersoneel nieuwe prijsstickers gaat plakken. Daar is niets mis mee, alleen het gevolg is geen uitstel maar afstel. Consumentenbestedingen, dé motor van elke ontwikkelde economie, komen tot stilstand.
Maar wat als inflatie onverhoopt niet terugkeert volgende maand? Ook dan zal er niets aan de hand zijn, zolang de prijsdalingen niet langer dan een paar maanden duren. Omdat ze vooral veroorzaakt zijn door een lagere energierekening, zijn ze vooralsnog toe te juichen.
De consument kan met die extra bestedingsruimte makkelijker aan zijn hypotheekverplichtingen voldoen of met het hele gezin naar de nieuwe Harry Potter gaan om aansluitend een hapje te eten. En de volgende dag alvast nieuwe kleding uitzoeken voor de herfst.
Dat zal Nederlandse bedrijven die lijden onder de recessie die Nederland al langer dan een jaar in haar greep heeft, goed van pas komen. Voor de overheid zorgt het ook voor enige lucht. Veel uitgaven worden automatisch aangepast aan inflatie. Als die laag is of negatief, hoeft de overheid minder uit te geven.
Het lachen zal plaatsmaken voor bezorgde gezichten als de deflatie wel wortels ontwikkelt en de consument het idee krijgt dat de prijzen maand in maand uit zullen dalen. Het gevolg: het scenario waar alle centrale bankiers en economen bij huiveren, ontvouwt zich dan. Maar voorlopig wijst niets daarop.
[ edin.mujagic @reedbusiness.nl ]
Auteur(s): Edin Mujagic
Bron: FEM Business , jaargang 12 , nummer 34 , datum 22-8-2009
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business