Klompen, molens en een ventje met een vinger in de dijk. Gelukkig is Neerlands roem overzee tegenwoordig gebaseerd op minder prozaïsche zaken. Bijvoorbeeld de creativiteit waarmee we ontwerpen, onder de noemer Dutch Design. Strikt genomen staat Dutch Design voor de interieurontwerpers die in de jaren negentig met conceptueel design de wereld veroverden. Van hen heeft Marcel Wanders inmiddels de status van wereldster.
Inmiddels is de kreet uitgegroeid tot een marketingvlag waaronder onze architecten, industrieel en grafisch ontwerpers en modegrootheden de wereld over gaan. Beleidsmakers hebben een tijd geleden ook ontdekt dat Nederland boven het maaiveld uitsteekt met zijn creatieven. Het Innovatieplatform heeft de creatieve industrie in 2004 zelfs verheven tot sleutelgebied, naast de chemie, hightechsystemen, flowers & food en nog zowat.
Maar nadat ze mede door eigen toedoen tot sleutelgebeid waren gebombardeerd, blijken de creatieven niet zo geschikt voor het gulle geven van bovenaf. In innovatieprietpraat: de sleutelgebiedenaanpak werpt onvoldoende vruchten af. Tot die conclusie kwam althans Ad Scheepbouwer, die zijn naam verbond aan een evaluatie van het sleutelgebiedengedoe. Er is te weinig samenhang in de sector, er mist regie van bovenaf en een afwachtende houding richting overheid overheerst. Naar haar aard hangt de creatieve industrie als los zand aan elkaar. Van kleine ondernemers die van kunstzinnig tot commercieel werken. Van designbureaus met wereldwijde accounts tot individuen in dienst van grote ondernemingen, van spelletjesontwerpers tot architecten die Peking leefbaar maken. Net als innovatie, laat creativiteit zich maar lastig sturen met overheidsbemoeienis en subsidie.
Dat betekent niet dat de beleidsmakers die gekke ontwerpers maar links moeten laten liggen. Ook al maken de bijzondere zakelijk dienstverleners samen maar een omzet van een paar honderd miljoen euro, ze voegen een veelvoud daarvan aan waarde toe. In een wereld die wordt overspoeld met producten wordt onderscheidend ontwerp steeds belangrijker. China is de fabriek van de wereld. Als Dutch Design helpt om Nederland op de kaart te zetten als ontwerpatelier, moeten we dat uitbuiten.
De Design Academy in Eindhoven en de TU Delft hadden lang voordat het Innovatieplatform werd opgericht al wereldfaam. Dergelijke topinstituten moeten we koesteren, net als bedrijven die binnen hun muren het ontwerptalent laten woekeren. Waarom heeft investeren in goed ontwerp niet dezelfde status als uitgaven aan R&D? Philips Design is een van de grootste ontwerpateliers ter wereld, het is geen toeval dat het in Eindhoven zetelt. Nog wel.
[ philip.bueters @reedbusiness.nl ]
ontwerpsector
is goed voor een paar duizend banen en 232 miljoen omzet
dutch design
groeit uit tot een kwaliteits-label dat Nederland op de kaart zet
economische waarde
bestaat niet alleen uit omzet of werkgelegenheid, maar uit, dankzij vormgeving, onderscheidende producten en diensten. Die waarde loopt in de miljarden
Auteur(s): Philip Bueters
Bron: FEM Business , jaargang 12 , nummer 34 , datum 22-8-2009
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business