Pharming

Pharming wankelt weer

Het biotechbedrijf Pharming trekt zich op aan een nieuwe financiële ‘reddingslijn’.Het hoopt zo het gat te dichten tot de verwachte marktintroductie van zijn stermedicijn in 2010.

pharming | financieel

H et aftellen lijkt begonnen. Biotechbedrijf Pharming worstelt al meer dan twintig jaar om een fatsoenlijk product op de markt te krijgen om zo uit de rode cijfers te komen. Maar de vraag is hoelang het verdere vertragingen financieel weet te rekken. Toestemming om de markt op te mogen met zijn belangrijkste medicijn is tweemaal geweigerd. Binnen enkele maanden volgt een nieuwe aanvraag. 


Pharming kampt met kasproblemen en moet sinds vorige week een beroep doen op een recent afgesloten financieringsconstructie. Zo zegt bestuursvoorzitter Sijmen de Vries het uit te kunnen houden tot in de tweede helft van volgend jaar.

Eind 2001 scheerde Pharming al eens langs de rand van een faillissement. De ‘geestelijke vader’ van stier Herman investeerde na zijn beursgang in 1998 in te veel projecten. Het had een breed portfolio van potentiële medicijnen en wilde alles in eigen beheer doen. Het is vrijwel onmogelijk voor een klein biotechbedrijf om zowel alle investeringen voor klinische testen op te hoesten als die voor een marketing- en distributieapparaat. Pharming had een schuld van bijna 30 miljoen euro en raakte in acute betalingsproblemen.

Met behulp van de Britse durfinvesteerder Lafferty die tijdelijk een belang van 30 procent verwierf en garant stond voor kredieten, maakte Pharming een doorstart. Na een grondige afslanking (van 240 naar 40 werknemers) en het afstaan van de octrooien van zijn stermedicijn tegen de ziekte van Pompe (een erfelijke en aangeboren stofwisselingsziekte) aan het Amerikaanse Genzyme wist het van zijn schulden af te komen. In 2004 was Pharming weer vrij van schulden.

De strategische focus ligt sindsdien op de ontwikkeling van enkele lead products voor weesziektes. Dat zijn zeldzame ziektes. Overheden geven subsidies aan bedrijven die tegen deze ziektes medicijnen ontwikkelen en zijn doorgaans wat soepeler in het toelaten van die medicijnen op de markt. De strategie van Pharming is om met zijn technologie, de productie van therapeutische melk van transgene konijnen, eerst medicijnen voor weesziektes te maken en zich later te richten op grotere ziektegebieden.

De afgelopen jaren heeft Pharming echter ernstige vertraging opgelopen met het op de markt krijgen van lead product Rhucin, een middel tegen erfelijke angio-oedeem (acute zwellingen van weefsel). Pharming hoopte in 2007 goedkeuring te ontvangen van de daarvoor verantwoordelijke Europese autoriteiten en in 2008 met de verkoop van het medicijn te kunnen beginnen. Het middel werd eind 2007 afgekeurd. Een beroep vorig jaar mocht niet baten. In september wil topman De Vries een nieuwe aanvraag indienen. Hij moet dan aantonen dat Rhucin effectief is en geen vervelende bijwerkingen veroorzaakt. Tot de goedkeuring van Rhucin liggen investeringen in andere producten in feite stil. Het is zonder een zegen van de autoriteiten ook lastig om partners te vinden voor de marketing van Rhucin. 


Hoge verbranding


Als die goedkeuring er komt, zou het product in de tweede helft van 2010 in de schappen moeten liggen. Pharming rekent op een jaarlijkse omzet van 300 tot 500 miljoen euro. In een rapport van afgelopen januari doet SNS Securities een somberdere voorspelling. Concurrenten zouden al met alternatieven actief zijn. Pharming zou hooguit een marktaandeel van 10 procent kunnen veroveren. Dat zou neerkomen op een piekomzet van 49 miljoen euro.


Het is niet te hopen, want de kosten liegen er niet om. Pharming heeft al 100 miljoen euro in Rhucin geïnvesteerd. Om de bedrijfsactiviteiten gaande te houden, verbrandt het zo’n 6 miljoen euro per kwartaal. Aan het einde van het eerste kwartaal was er nog 16 miljoen euro in kas. Naast subsidiegelden heeft het geen wezenlijke inkomsten. Sinds de doorstart is Pharmings voornaamste bron van financieren die van het onderhands plaatsen van aandelen. Dat heeft in totaal 60 miljoen euro opgebracht.

Maar met het uitgeven van aandelen alleen komt Pharming er niet. In 2007 heeft het zich opnieuw flink in de schulden moeten steken. Via UBS heeft het converteerbare obligaties uitgegeven ter waarde van 70 miljoen euro met een looptijd van 5 jaar en een jaarlijkse rente van 6,875 procent. Inmiddels heeft Pharming die schuld weten te reduceren tot 35,8 miljoen euro. Het heeft obligatiehouders bereid gevonden obligaties te converteren in aandelen.

Om het tot de lancering van Rhucin vol te houden, heeft De Vries in april een standby equity distribution agreement gesloten met de Amerikaanse investeerder Yorkville Advisors Global (YAG). Hij kan binnen 36 maanden tot 20 miljoen euro aan aandelen plaatsen. YAG betaalt 95 procent van de dan geldende koers.

De Vries beet vorige week het spits af met een tranche van 500.000 euro aan aandelen. Hij moest echter direct eenvijfde afstaan aan YAG, als aanbetaling voor de financieringscontructie. Deze week volgde een tranche van 700.000 euro. Het totale aantal aandelen ligt nu op 109.500.000, een explosieve stijging ten opzichte van het aantal in 2003: 31.698.305. Het aandeel is verwaterd met ruimschoots 200 procent. Het begint zo wel een beetje op een gokkast te lijken. De geplande marktintroductie van Rhucin, de voorgespiegelde opbrengsten, het is allemaal nog verre van zeker. In aanloop naar de aanvraag in september lijken er echter nog beleggers te zijn die van een gokje houden. De koers is van een historisch dieptepunt in maart van 0,35 cent euro per aandeel meer dan verdubbeld. Afgelopen dinsdag sloot het aandeel op 0,72 cent.

[ Eric.vandenoutenaar @reedbusiness.nl ]

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief