PQE, het ambitieuze nieuwe participatiefonds van Parcom, is slachtoffer geworden van de problemen bij moeder ING. Over enkele weken maakt Parcom de uitkomst van een ‘strategische heroriëntatie’ bekend.
Bij participatiemaatschappij Parcom is een ambitieus fonds, dat 1 miljard euro zou gaan investeren in beursgenoteerde bedrijven, gemangeld tussen de ingestorte beurs en de problemen bij moeder ING.
Vorig jaar maart lanceerde Parcom het gloednieuwe investeringsfonds, dat Parcom Quoted Equity (PQE) ging heten. PQE specialiseert zich in deelnemingen in Europese beursgenoteerde ondernemingen. Daarbij hanteert het uitgangspunten die Parcom als investeerder in niet-beursgenoteerde bedrijven succesvol hebben gemaakt.
Het nieuwe fonds ging veelbelovend van start. Maar sinds eind vorig jaar liggen de activiteiten van PQE stil. “Nadat wij het fonds hebben opgericht, is de wereld drastisch veranderd. Wij hebben alle investeringsactiviteiten van het fonds bevroren”, erkent managing partner Ivo Lurvink van PQE. “Momenteel bekijken we alle mogelijkheden. Begin juli denken wij meer over onze plannen bekend te kunnen maken.”
Even terug naar 2006. In de herfst van dat jaar nam Aris Wateler afscheid als directievoorzitter en geestelijk vader van Parcom. Onder zijn leiding was de participatiemaatschappij sinds 1981 uitgebouwd van een dwerg met een startkapitaal van 20 miljoen gulden, tot een middelgrote Europese speler. Bij Watelers vertrek was de geschatte marktwaarde van de portefeuille 1 miljard euro. Parcom had moeder ING vrijwel altijd mooie rendementen opgeleverd.
Watelers opvolger, Erik Westerink (47), kreeg van ING de opdracht om Parcom verder uit te bouwen. Westerink had carrière gemaakt bij zakenbank Morgan Stanley en elektronicagigant Philips. Een van zijn speerpunten was de oprichting van een divisie die zou gaan beleggen in Europese beursgenoteerde bedrijven. In ‘zijn‘ eerste jaarverslag schreef Westerink ‘de horizon van de activiteiten met beursgenoteerde aandelen te willen verbreden’.
Als participatiemaatschappij investeert Parcom van oudsher vooral in bedrijven zonder beursnotering. Zo bezit ze belangen in Neerlands grootste broodproducent Bakkersland, auto-onderdelenmaker Inalfa en technologiefonds Prime Technology. Toch bezit Parcom ook een aardige portefeuille met participaties in Nederlandse genoteerde bedrijven, als kabelproducent Draka, drukkerij RSDB, textielconcern Gamma, technisch handelshuis Eriks en automatiseerders Ordina en Qurius.
Westerink kondigde aan Parcom te zullen splitsen in een tak voor private equity en een voor quoted equity (beursgenoteerde aandelen). Met die laatste divisie wilde hij eind 2007 klaar zijn om de Europese beurzen te bestormen, op zoek naar buitenkansjes. Die plannen pasten naadloos in de ambities van toenmalig ING-topman Michel Tilmant. De Belg, die in 2004 Ewald Kist was opgevolgd, wilde de bank-verzekeraar laten uitgroeien tot een van de grootste financiële concerns ter wereld.
In de loop van 2007 krijgen de plannen vorm. In oktober haalt Westerink zijn vertrouweling Ivo Lurvink (zie kader) weg bij Philips. Hij krijgt de opdracht het nieuwe fonds in de steigers te zetten. “Parcom gaat iets groots opzetten, waar ik nu nog niets over kan zeggen”, vertelt Lurvink vlak na zijn overstap in FEM .
Op 19 maart 2008 presenteren Westerink en Lurvink hun plannen aan de buitenwereld. Parcom Quoted Equity moet een stal met belangen tussen 5 en 30 procent in snelgroeiende Europese beursfondsen gaan herbergen. Lurvink benadrukt dat het fonds geen passieve grootaandeelhouder wordt, maar zich actief zal bemoeien met de strategie. Ook wil PQE graag commissariaten bij de bedrijven, waarin het investeert. Lurvink spreekt van een ‘private equity approach’.
De vooruitzichten voor het nieuwe fonds zijn uitstekend. De eerste tekenen van de wereldwijde financiële crisis hebben zich al wel geopenbaard. Maar de storm lijkt zich dan nog te beperken tot de hedgefondsen en zakenbanken in de VS.
Bovendien kan Parcom rekenen op steun van de machtige moeder. Ter ondersteuning trekt ING namelijk genereus de portemonnee. “Het nieuwe fonds heeft een funding commitment van 1 miljard euro van ING gekregen”, meldt Lurvink enthousiast.
De bank-verzekeraar betaalt dat bedrag deels in contanten, en deels in natura. Die laatste component zal bestaan uit aandelenpakketten, die tot dan toe worden beheerd door de verzekeringsdochters van ING, zoals Nationale-Nederlanden.
Begin april 2008 voegt ING de daad bij het woord. De bank-verzekeraar hevelt een trits substantiële belangen over naar PQE. Het betreft aandelenpakketten in installateur Imtech, apothekengroep Mediq, voedingsproducent CSM, voedingshandel Sligro, kopieerconcern Océ, bouwbedrijf Ballast Nedam en ingenieursbedrijf Grontmij. De totale waarde op dat moment? Een indrukwekkende 574 miljoen euro.
Opmerkelijk is wel dat de eerdergenoemde ‘eigen’ beursgenoteerde belangen van Parcom níet bij PQE worden ondergebracht. Maar dankzij de overgehevelde belangen van ING kent het nieuwe fonds toch een vliegende start. Lurvink vult de portefeuille bovendien al snel aan met nieuwe aanwinsten. In juni wordt PQE met een belang van ruim 16 procent de grootste aandeelhouder van het Belgische Transics dat boordcomputers voor vrachtwagens maakt. In ruil voor een investering van ruim 22 miljoen krijgt PQE er een commissariszetel.
Lurvink onthult in de Belgische zakenkrant De Tijd grote ambities bij de zuiderburen te hebben. ‘Op de beurs van Brussel staan veel bedrijven die in onze kraam passen. Wij werken aan een aantal dossiers.’ In totaal zegt hij 150 tot 200 miljoen in Belgische beursfondsen te willen investeren.
Eind september volgt een belang in de Duitse zonnepaneleninstallateur BGI Ecotech. En in oktober neemt het fonds een belang van 9 procent in het Franse ingenieursbureau Ginger. Nog een maand later hevelt ING nog eens twee belangen over naar PQE. Het gaat om aandelen in kantoorinrichter Samas en Kas Bank, met een gezamenlijke waarde van 20 miljoen euro.
Daarna droogt de deal flow echter op. Dat heeft alles te maken met de crisis op de financiële markten. Sinds de bekendmaking van het nieuwe fonds is de Amsterdamse AEX-index 40 procent gedaald. Daardoor is ook een groot deel van de waarde van de belangen van PQE verdampt. Geen lekker begin voor het Parcom-fonds.
Veel erger is dat moeder ING in zwaar weer zit. In oktober wordt duidelijk dat de bank-verzekeraar er zo slecht voorstaat, dat de Nederlandse overheid te hulp moet schieten met een kapitaalinjectie van 10 miljard euro.
In januari blijkt dat niet genoeg. De Staat neemt het risico op portefeuilles met miljarden aan slechte hypotheken over. Bestuursvoorzitter Michel Tilmant wordt op straat gezet. Troubleshooter Jan Hommen, de voormalige financieel directeur van Philips, is sindsdien bezig met een snoeiharde sanering van ING.
Tegen die achtergrond is er voor de ambitieuze plannen van PQE geen plaats meer. “Onze moeder ING is momenteel bezig haar risico’s te beperken. Dat heeft geleid tot een strategische heroriëntatie op het fonds”, aldus fondstopman Lurvink.
Wat brengt de toekomst? Volgens Lurvink liggen er een aantal scenario’s op tafel. “Bij ING bestaat op dit moment geen appetite voor risico en minder voor investeringen in aandelen. Het cashdeel van de funding is nog niet besteed. Je moet een beetje between the lines lezen Het is best mogelijk dat die contanten niet worden gebruikt.”
Uit eerdergenoemde berekeningen blijkt dat PQE nog 400 à 500 miljoen euro aan contanten heeft liggen. Volgens een ingewijde ligt dat bedrag zelfs iets hoger, omdat enkele belangen deels zijn verzilverd. Noch Lurvink, noch ING-woordvoerder Raymond Vermeulen wil het precieze bedrag noemen dat mogelijk terugstroomt in de schatkist van ING.
Lurvink sluit evenmin uit dat ook de portefeuille deelnemingen van PQE uiteindelijk terugkeert bij de verzekeringsdochters van ING. Het meest drastische scenario acht hij echter “ondenkbaar”. De belangen “gaan niet in de uitverkoop. Onze langetermijn- commitment aan de bedrijven waarin is geïnvesteerd, blijft overeind.”
Het is de vraag of de teruggeschroefde ambities van ING Parcom als geheel niet zullen raken. Vermeulen wijst erop dat de bank-verzekeraar ook zijn strategie met betrekking tot assetmanagement herziet. “Wij bekijken daarbij onder meer of het handig is dat bedrijfsonderdelen afzonderlijk blijven opereren, of dat ze beter kunnen worden samengevoegd.”
[ mathijs.smit @reedbusiness.nl ]
onder vuur
Ivo Lurvink (47) werd in 1961 geboren in de Pakistaanse hoofdstad Karachi, als zoon van een Philips-expat. Hij begon zijn carrière als consultant bij organisatieadviseur Booz Allen in Singapore. Later werkte hij voor zakenbank Credit Suisse First Boston in Praag en Londen. In 1997 stapte hij over naar Philips , waar hij onder meer verantwoordelijk was voor de afdeling Fusies & Overnames en businessunit Consumer Healthcare. Toen zijn ex-Philips-collega Erik Westerink hem in 2007 vroeg naar Parcom te komen om ‘iets groots’ op te zetten, had hij daar wel oren naar. ‘Ik probeer altijd aan de kant te staan waar innovatie plaatsvindt, want ik ben geïnteresseerd in groei’, had hij een jaar eerder nog gezegd in maandblad Management Team . Bij het participatiebedrijf moest Lurvink Parcom Quoted Equity (PQE) opzetten. Vijftien maanden na de lancering van het fonds zijn de activiteiten van PQE echter bevroren en staat de toekomst ervan ter discussie. De gekortwiekte ambities van Lurvinks fonds zijn het gevolg van de snoeiharde sanering bij de kwakkelende Parcom-moeder ING. Onder leiding van Jan Hommen is de bank-verzekeraar sinds januari bezig de activiteiten en risico’s terug te brengen. Lurvink heeft daarbij één voordeel: hij kent Hommen, tot 2005 chief financial officer van Philips, redelijk goed. “Bij Philips heb ik jarenlang onder hem gewerkt.”
Auteur(s): Mathijs Smit
Bron: FEM Business , jaargang 12 , nummer 24 , datum 13-6-2009
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business