Herstel economie: Prijs van het herstel

De economie redden kost geld. Wie betaalt?

Aan elk voordeel kleeft een prijskaartje. Dat is op elke zichzelf respecterende economische faculteit een van de eerste concepten die studenten economie wordt bijgebracht. Ofwel TINSTAAFL: There Is No Such Thing As A Free Lunch.


De term betekent dat zelfs als het lijkt alsof iets gratis is, dat niet het geval is. U betaalt er wel voor, maar dan indirect. Toen het kijk- en luistergeld werd afgeschaft, is tv-kijken niet gratis geworden. Iedereen betaalt nog steeds, maar nu via de belastingen. Als een restaurant all you can eat menu’s aanbiedt, is die kilo spareribs niet gratis; u betaalt ervoor via hogere prijzen voor drankjes.

Hetzelfde geldt anno 2009. Economieën van Zweden tot Zuid-Afrika en van Japan tot Jamaica zitten in de diepste recessie sinds de Tweede Wereldoorlog. De centrale banken en overheden hebben de afgelopen maanden voor gewone mensen moeilijk voorstelbare geldbedragen in de economieën gepompt in een wanhoopspoging ze terug op de rails te krijgen. De regering-Obama heeft 13.000 miljard dollar (dat is 13.000.000.000.000 dollar) uitgetrokken – ongeveer alles wat de Amerikanen in een jaar aan goederen en diensten produceren. In Europa staat de teller op een bescheiden 3.000 miljard euro, ofwel zo’n 4.000.000.000.000 dollar. Waarschijnlijk komen daar nog ettelijke honderden miljarden bij.

Het is geen wonder dat al dat geld effect sorteert. Uit alle hoeken van de wereld komen signalen dat de economie uit haar diepe coma ontwaakt. Maar ook deze lunch is niet gratis.

De wereldeconomie zal een prijs moeten betalen. De geschiedenis heeft de wereld meer dan eens de harde les geleerd dat te veel geld in de economie vroeg of laat tot hoge inflatie leidt. Hoe groter het stuwmeer aan overtollig geld, hoe groter het gevaar op torenhoge inflatie, met als sluitstuk hyperinflatie.

Betekent dit dat de wereldleiders en de centrale bankiers niets hadden moeten doen om de crisis te bestrijden? Natuurlijk niet. Maar het betekent wel dat wanneer de economieën weer genoeg aansterken om op eigen benen te kunnen staan, ze het stuwmeer snel moeten laten leeglopen. Anders dreigt de van de droogte geredde economie alsnog te verzuipen door een allesverwoestende inflatieoverstroming.

Dat na het herstel de inflatie wereldwijd jarenlang hoger zal zijn, is zo goed als zeker. De overheden hebben er baat bij omdat inflatie stukje bij beetje hun enorme schulden wegvreet. Een hogere inflatie dan de afgelopen vijftien jaar is geen goed nieuws, maar te prefereren boven een aanhoudende recessie. Maar het kan niet te vaak worden gezegd, het stuwmeer moet snel leeg.


[ edin.mujagic @reedbusiness.nl ]

Niets is gratis


mondiale recessie 


Zo erg is het in decennia niet geweest.



herstel 


Komt eraan dankzij het krachtige optreden van regeringen wereldwijd. 


Prijs Met veel geld smijten zal de recessie verjagen, maar tevens de deur wijd openzetten voor torenhoge inflatie.

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief