Shell: Shell vraagt geduld

Jeroen van der Veer oogde bijzonder opgewekt bij de strategy update van Shell, deze week in Londen. Daar had de bestuursvoorzitter ook alle reden toe, alleen gelet op de financiële resultaten. Het olie- en gasbedrijf (inmiddels bestaat de helft van de productie uit gas) boekte vorig jaar een recordwinst van 31,4 miljard dollar, 14 procent meer dan in 2007. Dit jaar kunnen de aandeelhouders 10 miljard dollar aan dividend tegemoet zien, na vorig jaar al verwend te zijn met een even groot bedrag. Geen wonder dat Van der Veer voorafgaand aan zijn laatste grote presentatie als ceo grapjes maakte met financieel topman Peter Voser, de Zwitser die hem op 1 juli opvolgt.


De operationele prestaties van Shell geven echter helemaal geen aanleiding voor een zonnig humeur. De productie daalt al jaren, van 3,8 miljoen vaten per dag bij Van der Veers aantreden in 2004 tot 3,2 miljoen vaten eind 2008. Bovendien teert Shell op de eigen reserves. De zogenoemde replacement ratio , een belangrijke maatstaf die aangeeft in welke mate de productie wordt vervangen door nieuwe bewezen voorraden, kwam vorig jaar uit op 97 procent. Een jaar eerder was dat nog 109 procent. Met dank aan de gedaalde productie bleef de netto-omvang van de reserves wel gelijk. Daar kan Shell nog zo’n tien jaar mee vooruit.

De belangrijkste concurrenten doen het in dat opzicht beter dan Shell. Ook bij ExxonMobil, Chevron en Total daalde de productie de afgelopen jaren, maar niet zo snel als bij Shell (zie grafiek). BP wist als enige de productie zelfs te verhogen. Bovendien slaagden de andere super majors er wèl in de productie te vervangen door nieuwe voorraden. BP sprong er vorig jaar desondanks weer bovenuit met een vervangingsratio van 117.

Ondanks die achterstand op de rest van het veld is Shell juist voorzichtiger geworden bij het accorderen van grote projecten. De verslechtering van de vervangingsratio wordt veroorzaakt doordat op het hoofdkantoor in Den Haag fors minder van dit soort investeringsbeslissingen zijn genomen. Reden: de gekelderde olieprijs en de snel gestegen kosten in de olie- en gasindustrie. Van 147 dollar vorig jaar is de prijs van een vat ruwe olie gedaald tot zo’n 47 dollar nu als gevolg van de wereldwijde recessie. Veel projecten zijn bij die prijs niet meer rendabel.

Met de olieopbrengsten steeg de afgelopen jaren ook de prijs van onder meer staal en boorplatform in hoog tempo. “Het is beter even te wachten met investeren tot de kosten weer wat zijn gedaald”, verklaarde Van der Veer. Hij maakte wel een kanttekening: “De olieprijs is weer terug op het niveau van 2004, maar ik verwacht niet dat bij de kosten hetzelfde zal gebeuren. Projecten zijn veel complexer dan in het verleden.” De kosten blijven dus relatief hoog.

Een en ander betekent niet dat Shell dit jaar daadwerkelijk fors minder geld uitgeeft. De uitgaven aan lopende projecten gaan immers gewoon door. De snelle groei bij de investeringen van de afgelopen jaren is er echter uit. Dit jaar denkt Van der Veer circa 31 miljard dollar te investeren, ongeveer evenveel als in 2008. Ook de meeste anderen houden voorzichtigheidshalve het investeringspeil van vorig jaar aan (zie grafiek).

Bekendste slachtoffer van de bezuinigingsoperatie van Shell zijn de teerzanden in Canada, een van de gebieden waarvan het bedrijf veel verwacht. Vorig jaar werd uitbreiding van deze relatief dure vorm van oliewinning op de lange baan geschoven.


Herhaling


Maar dreigt met die hand op de knip niet herhaling van het rampzalige scenario van eind jaren negentig? Toen zetten oliemaat-schappijen, inclusief Shell, massaal het mes in projecten omdat de olieprijs was gedaald tot 10 dollar per vat. Het gevolg was de eerdergenoemde daling van de olie- en gasproductie, hoewel productiechef Malcolm Brinded als oorzaak ook wijst op de onrust in Nigeria en de verkoop van een aantal velden door Shell. “En daar hebben we veel geld voor gekregen.”


Toch stellen Van der Veer en Voser dat er geen reden is tot zorg. Volgens hen staat er een reeks grote projecten op stapel waardoor de productie van Shell vanaf 2010 weer aantrekt. Zo is in Qatar ‘Pearl’ voor de helft klaar, een megacomplex waar van gas diesel wordt gemaakt ( gas to liquids ). Voor de kust van Brazilië kan Shell binnenkort beginnen met het oppompen van de eerste olie. En in de Barentszee hebben de eerste schepen voor vloeibaar gas aangelegd bij Sachalin-II, het veelbesproken project waar Shell de controle verloor aan het Russische staatsgasbedrijf Gazprom.

Even geduld nog, is het devies van Van der Veer en Voser. Niet simpelweg de zucht naar meer vaten bepaalt volgens hen een investeringsbeslissing, maar het economische plaatje van een project. “Met ons huidige portfolio kunnen we groeien tot en met 2020”, zei Voser. “Dat biedt een goede basis voor de toekomst.” Nieuwe ontdekkingen en overnames kunnen die portefeuille alleen maar laten groeien, zo benadrukte de Zwitser.

Ook heeft Shell het geluk dat de Amerikaanse beurswaakhond SEC volgend jaar een aantal richtlijnen aanpast, waardoor het Nederlands-Britse bedrijf opeens veel meer reserves officieel mag gaan meetellen.

Bij die nieuwe projecten mikt Shell op onder meer de Noordpool, tight en shale gas (gas uit gesteente) in de VS en de kilome-tersdiepe wateren van de Golf van Mexico, Maleisië, Nigeria en Brazilië. Niet de mak-kelijkste wingebieden dus, maar op deze manier ontwijkt het bedrijf wel wispelturige regimes à la Venezuela die zelf de controle willen houden over hun olie- en gasvoorraden. Kwam in 2004 nog minder dan een kwart van de nieuwe olie uit deze politiek stabiele Oeso-landen, vorig jaar was dat zo’n 70 procent.

Bovendien heeft Shell in diep water of arctische omstandigheden met zijn ervaring en technologie een concurrentievoordeel. “Je moet iets extra’s bieden wat de concurrentie of nationale oliemaatschappijen niet hebben”, legde Brinded uit. Onder Van der Veer is Shell veel meer gaan investeren in technologie: van zo’n 600 miljoen dollar in 2004 tot 1,2 miljard vorig jaar.


exploratie


Op termijn is Rusland volgens Van der Veer ook een optie, ondanks de heftige aanvaring met Gazprom om Sachalin-II. “Rusland moet gaan investeren in exploratie. Dat biedt mogelijkheden.” Samen met onder meer Boskalis, Van Oord en Gasterra dingt Shell mee naar Jamal, een groot gasproject in het noorden van Rusland. 


Van der Veer rekent met een recessie die zeker nog een jaar aanhoudt. Volgens hem heeft zijn bedrijf het vermogen om ook bij de huidige olieprijs goede resultaten te behalen. Hoewel Van der Veer zich niet waagde aan een voorspelling van de olieprijs, liet hij duidelijk doorschemeren dat het dieptepunt is bereikt. “De vraag naar energie zal groeien.”

Maar, zoals een hoge Shell-manager in de marge van de bijeenkomst opmerkte, een hoge olieprijs is ook niet alles. “Zie alle investeringsmogelijkheden die bij zo’n prijs ontstaan maar eens te koppelen aan een planning. Bovendien vliegen de kosten van projecten omhoog. Met deze olieprijs weet je tenminste waar je aan toe bent: kostendiscipline en het op tijd afkrijgen van projecten. Life was tough bij olieprijs van 147 dollar.”


[ jacco.neleman @reedbusiness.nl ]

Shell mijdt 
 wispelturigeregimes
  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief