Er moet een simpelere manier bestaan om aan te geven hoe het met de economie gaat dan middels modellen met honderden vergelijkingen, dacht de Amerikaanse econoom Arthur Okun in de jaren zeventig.
Okun telde daarom simpelweg de inflatie en het werkloosheidspercentage voor een land bij elkaar op. Vergelijk de uitkomst met die van een jaar eerder en je weet of de situatie is verbeterd of verslechterd. Daalt de uitkomst, dan gaat het beter. Stijgt die dan gaat het slechter.
Die Misery index zou voor de westerse landen nu een stuk hoger moeten liggen dan in 2007. Vreemd genoeg is dat niet het geval. Sterker nog, de score is gedaald. Gerekend met de cijfers van persbureau Bloomberg rolt voor Duitsland, Frankrijk, België en de VS, om enkele landen te noemen, een lagere score uit de bus. Alleen Japan zwemt tegen de stroom in. In Nederland bleef de index onveranderd, op 6,1 procent.
Wie alleen op de Misery index afgaat zal tot de conclusie komen dat het, ondanks de crisis, een stuk beter gaat met de wereld.
Hoe kan de index dalen, terwijl de wereldeconomie op haar grondvesten schudt en de werkloosheid stijgt? Blijkbaar is de inflatie in de ontwikkelde landen sneller gedaald dan de werkloosheid is toegenomen. Behalve in IJsland. In één van de hardst geraakte landen door de crisis steeg de Misery index van 8 naar 20,6 procent. Toch niet helemaal afschrijven die index dus.
[ edin.mujagic @reedbusiness.nl ]
Auteur(s): Edin Mujagic
Bron: FEM Business , jaargang 12 , nummer 3 , datum 17-1-2009
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business