Hij heeft miljoenen boekjes verkocht en menig beurs-genoteerd bedrijf heeft zijn advies ingewonnen. De benedictijnse monnik Anselm Grün : grootgrutter in spirituele oneliners.
S oms vraagt Anselm Grün zich af waarom bedrijven hem inhuren. “Dan bekruipt me het gevoel dat ze me alleen vragen om hun ethische geweten te sussen. Zodat ze tegen de buitenwereld kunnen zeggen: wij hebben pater Grün uitgenodigd, dus bij ons zit het wel goed. Ik moet oppassen dat ze mij daarvoor niet misbruiken.”
Maar veel tijd om daarbij stil te staan heeft hij niet, want de dagen van de beroemdste monnik van Duitsland zijn goed gevuld. Of hij nu bezig is met het leidinggeven aan het kloosterbedrijf, waar 280 mensen aan het werk moeten worden gehouden, of met het schrijven van boeken, waarvan er gemiddeld zes per jaar verschijnen: Grün heeft altijd wat te doen. “Wat dat betreft is het een geluk dat onze dagen in het klooster ’s ochtends heel vroeg beginnen. En omdat ik alleen in mijn vakantie weleens tv kijk, verlies ik ook daar geen tijd door.”
Een beetje ijdelheid is hem niet vreemd. Terwijl een stormachtige wind rond het klooster een knetterend onweer aankondigt, probeert pater Anselm Grün zijn fotogenieke grijze manen in bedwang te houden voor de foto. Zinloos. Grün besluit dat de foto binnen moet worden genomen.
Misschien laat de beroemde benedictijner zijn haar ook wel groeien omdat het zijn enige stoffelijke bezit is. Zijn monnikspij komt van de stapel uit het kledingmagazijn in het klooster, zijn kamer is 20 vierkante meter groot en beschikt niet eens over een eigen douche. De auto waarin hij rijdt, een ongevalwagen, heeft al ruim 200.000 kilometer op de teller. Dat hij, ondanks een gemiddeld jaarinkomen van ruim 6 ton, afziet van elke vorm van luxe, maakt hem naar eigen zeggen gelukkig. “Ik zie hoe geld de mensen hard maakt. Geld is een gevaar voor de innerlijke vrijheid. Hoe vaak gebeurt het niet dat mensen met veel geld ongelukkig zijn en steeds maar meer dingen moeten kopen om hun ongeluk te compenseren.”
Hetzelfde geldt voor ondernemingen. “Ik probeer in mijn boeken en cursussen ondernemers duidelijk te maken dat het loont om ethisch te ondernemen. Als geld het belangrijkste wordt, verliest de onderneming aan waarde en het verlies van waardigheid is uiteindelijk zelfverachting.”
Dat de spirituele managementboeken, waarin Grün grossiert in dergelijke oneliners, als warme broodjes over de toonbank gaan, staat in schril contrast met de schandalen die het Duitse bedrijfsleven de laatste jaren begeleiden. Van de seksreizen die Volkswagen voor de ondernemingsraad organiseerde en de smeergeldaffaire bij Siemens tot de ontmaskering van honderden steenrijke Duitsers als belastingontduikers, van de zo voorbeeldige reputatie die de Duitse zakenman ooit had, is weinig over.
Pater Grün is echter de laatste om het bedrijfsleven de les te lezen. Integendeel bijna. “Wie ben ik om Heinrich von Pierer (ex-topman Siemens, red.) te veroordelen? Het betalen van steekpenningen is onderdeel van een wereldwijd systeem, waaraan een bedrijf als Siemens zich moeilijk kon onttrekken. Er zijn maar weinig bedrijven die sterk genoeg zijn de betaling van smeergeld helemaal uit te sluiten. Het optische bedrijf Jenoptik bijvoorbeeld, waar ik adviseur was, heeft het wél aangedurfd. De directie neemt op de koop toe dat ze de komende jaren veel opdrachten verliest, maar hoopt op termijn van deze beslissing te profiteren.” Voor mensen als de van belastingontduiking beschuldigde Deutsche Post-baas Klaus Zumwinkel heeft Grün minder begrip. “Op dat soort posities verwacht je meer eerlijkheid. Hij verdiende al zoveel, is het dan nooit genoeg?”
Hoe ethisch is de monnik zelf? Als financiële baas van het klooster Münsterschwarzach nam Grün in de jaren tachtig een voor de conservatieve kloostergemeenschap ongebruikelijke beslissing. Hij leende geld om daarmee op de beurs te beleggen. Grün: “Mijn medebroeders reageerden vol onbegrip. Ze begrepen niet hoe je met schulden geld kunt vermeerderen. Ik moest hun uitleggen hoe de financiële markten werken: dat de Zwitsers zoveel geld hadden dat ze het goedkoop konden uitlenen en dat de Amerikanen zo weinig hadden dat ze het duur moesten lenen. Maar toen ik dat eenmaal had uitgelegd, viel de dollar en ging mijn verhaal niet meer op.”
Gelukkig volgden betere jaren. Door de bank genomen leveren de beleggingen van Grün het klooster zo’n 10 procent per jaar op. “Dat ga ik dit jaar niet halen. Maar mijn portefeuille doet het nog altijd beter dan de index. Ik beleg vooral in Duitseblue chipsen neem dus niet te veel risico.’’
Tegenover deSüddeutsche Zeitungbekende hij onlangs zich een paar jaar geleden flink te hebben ‘verspeculeerd’ door sterk in te zetten op Argentijnse staatsleningen. “Die golden als zeker, maar verloren tweederde van hun waarde. Toen heb ik 3 miljoen euro verlies gemaakt. Dat was de enige keer in mijn leven dat ik niet goed heb geslapen. Ik heb het verlies met Russische staatsleningen goedgemaakt. Die kocht ik voor 29 dollar en verkocht ik voor 170.”
Het openhartige inkijkje in de kloosterboekhouding kwam Grün op een hoop boze brieven van medebroeders in andere kloosters te staan. Onverstoorbaar: “Veel kloosters hebben gewoon geen goede ideeën. Eerst presteren ze slecht, daarna jammeren ze dat ze geen geld hebben. Ze halen hun geld op met fundraising en dan staat het slecht als bekend wordt dat er kloosters zijn die zelfs geld over hebben om te beleggen.”
Het liefst verdient Grün zijn geld met het geven van adviezen over spiritueel leidinggeven. “Voor mij betekent dat vooral vertrouwen hebben in het goede van de mens. We leven in een maatschappij die vancontrollingaan elkaar hangt, maar van al dat wantrouwen gaat een bedrijf kapot. Leidinggeven betekent ook dat je mensen niet uitzuigt, maar een eerlijk loon betaalt. En dat je een menselijke taal spreekt die ervoor zorgt dat medewerkers zonder angst en depressies naar huis gaan. Als het me lukt iets van die boodschap over te brengen, is mijn missie geslaagd.”
Hij verkoopt miljoenen boeken en wordt door menige Duitse toponderneming om advies gevraagd. Toch heeft de benedictijnse pater Anselm Grün (63) op zijn kloostercel nog altijd geen eigen douche. Per maand gunt hij zichzelf 50 euro zakgeld. De rest van zijn verdiensten vloeit direct in de kas van de abdij Münsterschwarzach, in het noorden van Beieren, waar de monnik sinds ruim 30 jaar kellenaar (zakelijk leider) is. Niet dat geld onbelangrijk voor hem is. Integendeel. Pater Grün weet exact hoeveel hij boeken hij heeft verkocht: 15 miljoen. En ook dat hij daarmee in het echte leven zeker 100 miljoen euro had kunnen verdienen. Met het verdiende geld speculeert hij ook nog eens succesvol op de beurs, wat het klooster de afgelopen jaren miljoenen extra heeft opgeleverd. Vanuit Beieren rijdt Grün het hele jaar door in een aftands Golfje kriskras door Duitsland om lezingen en managementcursussen te geven. Cursussen waarin hij uitlegt hoe de vijftien eeuwen oude levenswijze van de benedictijnse orde (zie kader Benedictus’ businessmodel op pagina 56) ook moderne bedrijven tot voorbeeld kan dienen. Tot de bedrijven die zich door hem lieten adviseren behoren DAX-ondernemingen als Siemens, Bayer en Daimler.
De heilige Benedictus van Nursia (480-547) wordt beschouwd als vader van het moderne kloosterleven in de Rooms-Katholieke Kerk. Als een bedrijvendokter avant la lettre wilde hij als overste in het klooster van Vicovaro korte metten maken met de wanorde en smeergeldpraktijken die er heersten. Bij gebrek aan een ondernemingsraad probeerden de corrupte monniken hem te vermoorden met een beker vergiftigde wijn. Tevergeefs. Met een schaar trouwe aanhangers trok hij daarna naar het 80 kilometer zuidoostelijker gelegen Monte Cassino waar hij het moederklooster van de benedictijnse orde stichtte. Voor de monniken daar schreef hij deRegula Benedicti, die 73 voorschriften bevat voor het bestuur van een klooster, en de omgang met personeel en collega-broeders. Uit een deze zomer verschenen onderzoek van het Instituut voor Empirisch Economisch Onderzoek aan de universiteit van Zürich blijkt dat de regels van Benedictus ook in moderne ondernemingen nog zeer goed bruikbaar zijn als leidraad. De onderzoekers trekken deze conclusie na een bezoek aan kloosters in Duitsland en Zwitserland. De gemiddelde levensduur van deze ‘ondernemingen’ is 500 jaar en slechts een kwart ervan moest door managementproblemen worden gesloten. Volgens de studie is dat vooral te danken aan de sterke motivatie van de kloosterleden en aan interne controlemechanismen. Het onderzoek is na te lezen op:www.iew.uzh.ch/wp/iewwp374.pdf
Anselm Grün is misschien de populairste, maar zeker niet de enige Duitse benedictijnse monnik die als management-consultant actief is. Zijn bekendste collega is ook zijn baas: abtprimus Notker Wolf (68) (foto), hoofd van de 1.100 leden tellende benedictijnse orde. Behalve als auteur van managementboeken is Wolf bekend als hardrockgitarist en speelt hij met zijn band Feedback relirock die is geïnspireerd op AC/DC en de Rolling Stones. Ook bekend is oud-benedictijner Anselm Bilgri (55) , die 29 jaar lang monnik was in het Beierse klooster Andechs. Bilchri was een van de eerste die op zijn klooster seminars voor managers organiseerde, wat hem op veel kritiek kwam te staan. Daarna nam hij afscheid van het kloosterleven en zette hij bij München het Zentrum für Unternehmenskultur op. Sindsdien adviseert hij bedrijven als Allianz, BMW en Siemens.
Auteur(s): Arjan Paans
Bron: FEM Business , jaargang 11 , nummer 34 , datum 22-8-2008
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business