Designhotels rukken op in Duitsland. Maar de überhippe hotelkamers staan stijf van de moderne clichés. Waarom lijken alle designhotels toch zo op elkaar?
ARJEN PAANS is correspondent in Berlijn voorFEM Business,ADenElsevier.
Gevloek uit de badkamer. “Wát een mannenhotel!”, roept L., die probeert het haar droog te houden onder de perfect gedesignde maar onhandige megadouchekop van hotel Überfluss in Bremen.
De op één na duurste overnachtingsmogelijkheid van de Hanzestad is een zogenaamd designhotel, waar we slapen omdat L. een reisgids over hip Duitsland maakt: logisch, want onze nieuwe Heimat heeft dit jaar voor het eerst Frankrijk van de eerste plaats in de ranglijst van populaire vakantielanden verdrongen.
De reisgids in wording voert ons dus weg van de romantiek van schattige vakwerkstadjes, met een grote boog om rustieke schnitzelrestaurants en bierkelders heen. “Te toeristisch”, klinkt het streng naast me en ik loop braaf mee naar een leuk tentje waar de nieuwe noord-Duitse keuken gecombineerd met Aziatische liflafjes, een evenwichtig yin-yang ensemble vormt.
Natuurlijk is het goed dat het toerisme met zijn tijd meegaat, maar het is de vraag of de reiziger ook op alle vernieuwing zit te wachten. Vernieuwing die bovendien altijd op hetzelfde uitdraait. Te veel hoteliers denken blijkbaar met de aankoop van wat Eames-stoelen en Philippe Starck- en neobarokke Kartell-lampen een designhotel te kunnen inrichten. Het ter begroeting op ons hoofdkussen gedrapeerde groene appeltje hebben we inmiddels wat te vaak gezien. Dit is niets anders dan ‘dertien in een design’ ofwel Ikea voor snobs.
Wat maar al te vaak voorkomt: dat ho-tels proberen mee te liften op het woord design. Zoals in een buitenwijk van Salzburg, waar we ons bij binnenkomst verbazen over de terracottategeltjes uit een vorige trend, maar de wanden van de lift alvast zijn gelambriseerd met wengélaminaat. De kamer blijkt meer weg te hebben van een slaapzaal in een jeugdherberg. Een compleet stijlinfarct!
Helemaal ergerniswekkend in designhotels is de trend om de badkamer bij het slaapgedeelte te trekken. Een badkuip midden in de kamer, om maar niks te hoeven missen van alle designpracht. Of, wat ook voorkomt: alleen een glazen wand tussen de bad- en slaapkamer. Om nu gedwongen je partner tijdens het douchen te bekijken, grenst aan een opgelegd voyeurisme.
Gelukkig bewegen sommige hoteliers zich ook in een goede richting. Zo lijkt het rijkelijke ontbijtbuffet, waar opdringerig vliegen rond de uitgelopen en met jam besmeurde Franse kazen cirkelen zijn beste tijd te hebben gehad. In plaats daarvan wordt het ontbijt weer direct aan tafel geserveerd, zoals in het pas heropende Breidenbacher Hof in Düsseldorf.
Echt klasse heeft het Style Hotel in hartje Wenen, waar alles uit de minibar inclusief is. Net als de dj in de hotellounge, die elke avond voor de passende muzikale omlijsting zorgt. Of de trend dat hotels, naast de algemene sauna, een privéwellnessruimte inrichten waarbij je ongestoord een paar uurtjes met zijn tweeën kunt relaxen.
En wat tot nu toe vooral in Italië en Engeland werd aangeboden als ‘agriturismo’, is nu ook in opkomst in Duitsland: kleine, smaakvol ingerichte bed and breakfasts op het platteland, tussen de wijnbergen, zoals op het Saksische wijngoed van de Prinz zur Lippe – een ver familielid van… – waar je de dag begint met een heerlijk glaasje sekt dat vernoemd is naar zijn eigen prinses.
Hoeveel de Duitse hotelwereld ook in beweging is, af en toe is het een prettige gedachte dat er plekken zijn waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. Zoals het Rasthaus aan de A21 bij Hamburg, een origineel snelweghotel zonder opsmuk.
Hoewel: naast mijn hotelbed ontdek ik een plastic bloemstukje in een zwaan van wit keramiek. Heerlijke kitsch. Of zou het de nieuwste trend zijn?
Auteur(s): Arjan Paans
Bron: FEM Business , jaargang 11 , nummer 27 , datum 5-7-2008
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business