‘Ik heb een enorme hekel aan lenen, zo ben ik opgevoed’

Maasbert Schouten leidt intermediairsimperium Afab, dat een groot deel van de hypotheekmarkt veroverde en een van de grootste aanbieders van consumptief krediet is. Hij wil per se naar de beurs.

‘Je moet het in tijdsperspectief zien. Toen was je de grote jongen als je op verjaardagsfeestjes vertelde dat je drie aandelenlease- of spaarplannen had. Als je dat nu vertelt, ben je een sukkel’

naam Maasbert Schouten functie bestuursvoorzitter Afab Holding locatie Bergpaviljoen Amersfoort

M aasbert Schouten (36) is een schelm, maar wel een calculerende schelm. Hij woont in Elst, op een goede tien kilometer van Arnhem, maar de bestuursvoorzitter van hypotheek- en consumptief kredietbemiddelaar Afab werkt op het hoofdkantoor in Amersfoort. Schouten maakt lange dagen, gemiddeld is hij rond half twaalf ’s avonds thuis, maar soms ook iets eerder.


Dan trapt hij zachtjes het gaspedaal van zijn elegante, blauwe Maserati Quattroporte wat dieper in om een half uur eerder thuis te kunnen zijn. “Dan ben ik binnen een half uur thuis, moet ik wel 170 kilometer per uur rijden. Niet 172 per uur, want dan ben ik mijn rijbewijs kwijt. Ik ben al een keer eerder mijn rijbewijs kwijtgeraakt, dus dat wil ik nog niet een keer meemaken”, vertelt Schouten.

Veel hobby’s heeft de topman, die in 1993 in zijn uppie op een zolderkamer begon met het verkopen van kapitaalverzekeringen, niet. Maar auto’s vindt hij mooi. Deze Maserati is apart, maar niet te, vindt hij. “In onze branche moet je er wel rekening mee houden dat je niet te gek doet. Je wordt te gauw neergezet als ‘patser’ of ‘foute jongen’. Dat ben ik niet, maar je moet wel oppassen. Deze Maserati is een redelijk gedistingeerde auto. Ik zou me niet gemakkelijk voelen in een Bentley. Hiervoor had ik een BMW 7. Ik was toen 31. Ik voelde me daar toch te jong voor. Ik ben sowieso iemand van ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg’.”

Dat laatste blijkt te kloppen, want Schouten houdt niet van poespas. Hij heeft géén chauffeur, géén secretaresse en neemt elke dag zijn eigen brood mee naar kantoor. “Ik probeer lunches te vermijden, omdat het een hoop tijd kost. Normaal gesproken neem ik mijn broodtrommeltje mee. Ze zijn gesmeerd door mijn vrouw. Dan eet ik mijn broodje kaas op als ik mijn e-mails lees.”

Voor speciale relaties maakt de in het Gelderse Wilp, nabij Deventer, geboren Schouten wel tijd vrij, waardoor we in het Amersfoortse Bergpaviljoen beginnen met een Oosterse salade met kalfszijlende en eindigen met een gefileerde parelhoen in cognacsaus. De lunchafspraak was al weken ervoor gemaakt. De agenda van Schouten zat bomvol.

Eerst moest hij de overname van concurrent Sterck/ViaFeria afronden, waardoor zijn onderneming haar positie als de grootste intermediair service-organisatie van Nederland verder wist uit te bouwen. Schouten heeft nu meer dan 4.000 tussenpersonen in de boeken staan, terwijl heel Nederland ongeveer 10.000 intermediairs telt.

Rabokantoor


De ondernemer is trots: “We groeien erg hard. Eind 1993 ben ik alleen begonnen. Nu hebben we 1.000 medewerkers. Ik was en ben nog steeds gefascineerd door de wereld van het grote geld. Waarom weet ik niet. Misschien omdat mijn vader als directeur bij de Rabobank werkte. Ik ben geboren boven het Rabokantoor van mijn vader. Thuis lagen daar altijd de beleggers- en verzekeringsbladen. Ik was twaalf toen ik ze las. Ik kan me voorstellen dat een gemiddelde jongen liever de Donald Duck las.”


“Ik was twintig toen ik de verkorte hbo-opleiding marketing afrondde, want ik had geen geduld om vier jaar te studeren. In mijn diensttijd volgde ik een managementopleiding. Mijn carrière begon ik op de Optiebeurs als marketmaker voor index-futures. Het was altijd mijn jongensdroom om op de beurs te gaan staan.”

Schouten stapte naar de beurs en ging onderuit. Hij nam te veel risico’s met het geleende geld van zijn vader. Wat bleef was een schuld van 60.000 gulden. “Ik was wel succesvol met de handel, maar je kon ook short gaan bijvoorbeeld. Dan praatte je met ervaren handelaren. Daar keek je huizenhoog tegenop. Die zeiden dan: dát gaat omlaag, of dát gaat omhoog.”

“Je bent een jochie van 21. Je spreekt met iemand waarvan je weet dat hij met een Porsche naar de beurs komt en een groot huis met een zwembad heeft. Maar ja, om-dat ze ook heel vaak fout zaten, ging ik ook nat. Bleef ik met een schuld achter”, vertelt hij.

Schouten kan er zoveel jaren later wel om lachen. Het glamourzakenbladQuoteschat het vermogen van de bestuursvoor-zitter van Afab inmiddels op 334 miljoen euro.

Opvallend detail: de ondernemer houdt niet van schulden. ‘Eerst sparen en dan pas uitgeven’, is zijn motto. Het is opvallend omdat uitgerekend Afab een van de grootste kredietverleners van Nederland is.

Schouten: “Ik ben heel erg conservatief, maar zo ben ik opgevoed. Ik heb een enorme hekel aan lenen. Voor privéconsumptie zou ik niet zo gauw lenen, omdat ik een hekel heb aan terugkerende kosten. Ik lig lie-ver een tijdje krom. Dat heb ik nog steeds. Ik leef nu niet van weinig, maar ik heb ook niet zo’n behoefte aan een vliegtuig of een huis in het buitenland. Ik heb het niet nodig. Ik heb een mooie auto, mijn vrouw heeft een mooie auto. We hebben een mooi huis.”


Telefoonboek


Na zijn mislukte beursloopbaan begint Schouten na enkele omzwervingen met het bemiddelen in kapitaalverzekeringen van Aegon. Het is de tijd van weinig toezicht of controle. “Ik stuurde Aegon een brief, waarin ik verklaarde dat ik zaken met ze wilde doen. Ik kreeg een brief terug met een inschrijvingsnummer en aanvraagformulieren zonder dat ze me ooit gezien hadden. Ik was bij de SER ingeschreven. In theorie was er wel toezicht, maar in de praktijk stelde het niets voor”, vertelt hij over die tijd.


Schouten belde vanaf zijn zolderkamertje potentiële klanten op. De nummers haalde hij uit het Amsterdamse telefoonboek.“ Ik kwam altijd met een handtekening terug.” Hij verkocht spaarplannen, producten waarop nu grote kritiek bestaat vanwege het gebrek aan duidelijkheid over de hoge kosten.

“Dat wat ze nu woekerpolissen noemen, noemde iedereen toen spaarplannen. Maar er werd niet gespaard. Er werd belegd.”

Wist u dat?


“We wisten dat het een beleggingselement had. Alleen we wisten niet wat er werd ingehouden aan overlijdensrisicokosten (de kosten daarvan konden oplopen tot zo’n 40 procent; red.). Dat wisten de intermediairs niet. Dat wisten de meeste mensen van Aegon en Amev ook niet.”

U verkocht een product waarvan u de details niet kende? Dat is toch raar?


“Natuurlijk is dat raar. Maar je moet het wel in tijdsperspectief zien. Had het achteraf gezien anders gemoeten? Zeker. Maar toen was je de grote jongen als je op verjaardagsfeestjes vertelde dat je drie aandelenlease- of spaarplannen had. Als je dat nu vertelt, ben je een sukkel.”

Maar u hebt producten verkocht die nu misschien bij de financiële ombudsman Wabeke op tafel liggen?
“Ja, dat zullen er best een paar zijn. Dat deed iedere intermediair. Ik ben een van die 10.000 die dat ook gedaan heeft.”


Hoe kijkt u tegen de huidige voorstellen van Wabeke aan om de poliskosten te beperken?
“Het is een reëel voorstel. De kosten worden tegenwoordig heel duidelijk gecommuniceerd. Dat kan ook niet anders meer in deze tijd.”


U en DSB-baas Scheringa hebben last van een slecht imago. Is dat toeval?
“Over het consumptief krediet hangt een zweem van het idee dat we een slaatje slaan over de rug van die zielige klant. Alle financiers willen leningen verstrekken, maar iedereen vindt het imagorisico te groot. Kijk maar naar Rabobank. Die verkoopt ook consumptief krediet, via dochter Freo, die weer een dochter is van een dochter. Fortis staat niet in de spotlights, maar financiert via dochter Defam, die op haar beurt de intermediair gebruikt. Wij vangen de klappen voor ze op.”


U wilt nog steeds naar de Amsterdamse beurs? Dat betekent dat iedereen extra oplet.
“Dat is nu ook al zo. Kijk maar naar de laatste artikelen in de krant. Ja, hoge bomen vangen veel wind. Ik vind het frustrerend dat de juiste nuance ontbreekt. Er wordt gezegd dat we alleen voor de hoogste provisie gaan en niet voor de klant. Dat klopt niet, anders hadden we echt geen vergunning gekregen van de AFM, of waren we die volgende week al kwijtgeraakt. En dat is niet het geval. Als je klanten alleen producten met een hoge provisie bemiddelt, dan geef je geen goed advies. Als je klanten een goed en passend advies geeft waarbij jezelf ook nog eens een fatsoenlijke provisie krijgt, dan is daar niets mis mee.”


Waarom wilt u naar de beurs?
“Dat brengt continuïteit in de onderneming. Dat is goed voor de werknemers, leveranciers en het management. Het legt een soort kurk onder de onderneming. Je creëert een exit, dat ook, maar dat is niet het belangrijkste. Als ik nu zou verkopen (Schouten heeft 95 procent van de aandelen in handen; red.) dan zijn er genoeg mensen die het willen kopen. Als Afab naar de beurs gaat, zal ik minimaal drie jaar aanblijven. Vind ik niet erg. Ik heb er nog steeds lol in. Natuurlijk komen er weleens minder leuke dingen op je pad. Je noemde er net een paar, maar daar leer je weer van.”

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief