Verkiezingen voorbij, beloftes vergeten

Welke partijen er straks precies gaan regeren, maakt voor het financiële beleid niet zoveel uit. Het motto van het nieuwe kabinet wordt: bezuinigen, bezuinigen en nog eens bezuinigen.

Slechte tijdingen stapelen zich op. Het financieringstekort van de Nederlandse overheid, waarover maandelijks door het ministerie van Financiën wordt gerapporteerd, kwam in december van het vorig jaar uit op 0,9 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Het is de zoveelste tegenvaller. In september voorspelden de rekenaars van het Centraal Planbureau (CPB) nog een tekort van 0,5 procent van het bbp eind 2002. En het zou in 2003 zelfs dalen naar 0,4 procent. Een paar maanden later was het CPB al wat somberder: in december werd voor dit jaar al een tekort van -1,1 procent voorzien.

Als het nieuwe kabinet dat tekort wil wegwerken, zal het gat tussen inkomsten en uitgaven met pakweg vijf miljard euro kleiner moeten gemaakt moeten worden. Het vluchtige kabinet van Jan Peter Balkenende had een ombuigingsoperatie voor ogen die uiteindelijk op de begroting van 2006 twee miljard euro zou opleveren. Daarnaast rekende het kabinet op hogere inkomsten uit diverse lastenverzwaringen en verwachtte ze dat het tekort zou teruglopen doordat de conjunctuur weer aan zou trekken.

Dat laatste bleek weinig meer dan dagdromerij. Het oplopende tekort heeft alles te maken met een zich verdiepende recessie, en met de daaruit voortvloeiende teruglopende inkomsten in de staatskas. In december kwam maar liefst 2,1 miljard euro minder aan belastingpenningen binnen dan was geraamd.

Als we ons realistischer en dus pessimistischer opstellen dan de geleerde voorspellers, dan tekenen zich onheilspellende cijfers af. Op stijgende inkomsten hoeft even niet gerekend te worden, tenzij het nieuwe kabinet de belastingtarieven stevig verhoogt. Maar dat lijkt niet waarschijnlijk. Een kabinet dat het gat van vijf miljard toch wil wegwerken zal dus het mes moeten pakken om die diep in de collectieve uitgaven te zetten.

En waarschijnlijk is het dieptepunt in de trend van oplopende tekorten nog niet eens bereikt. Nog nooit lukte het om tijdens een recessie een financieringstekort terug te dringen. Zelfs in de vette jaren negentig werd een tekort van drie procent slechts langzaam en moeizaam in een jaar of acht weggewerkt. Pas in 2001 kon een trotse Gerrit Zalm een overschot van 1,5 procent van het bbp presenteren. Zijn feestje duurde echter niet lang. Anderhalf jaar van tegenvallende economische groei was genoeg om het overschot weer om te laten slaan in de tekorten van dit moment.

De politici die nu aan het formeren slaan, kunnen de afgelopen weken van mooie beloftes maar beter snel vergeten. Kaasschaven, broekriemen, scharen en nog zwaarder materiaal zullen nodig zijn om de schatkist een beetje gevuld te houden.

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief