“Ik ben mijn loopbaan begonnen als accountant bij KPMG. Later heb ik onder meer voor Sara Lee DE en Atos Origin gewerkt. Vier jaar geleden ben ik in dienst getreden als corporate controller bij Internatio-Müller. Van oudsher een Rotterdams handels- en havenbedrijf dat was uitgewaaierd tot een conglomeraat met nogal diverse activiteiten. We beseften wel dat er meer focus moest worden aangebracht, maar pas na het aantreden van de nieuwe bestuursvoorzitter Herman Scheffer in 2000 is dat proces definitief in gang gezet. Dat zie je wel vaker gebeuren: zodra er een nieuwe man komt, heb je het momentum om dingen te veranderen.
Internatio-Müller had drie kernactiviteiten: technische dienstverlening en handel in farmaceutische en chemische producten. We hebben al die verschillende bedrijven gevraagd een businessplan op te stellen. We zeiden: ‘Stel dat jij wordt uitverkoren en je krijgt de financiële middelen die beschikbaar komen uit de verkoop van andere onderdelen, wat zijn dan je toekomstperspectieven?’
Op basis van die evaluatie is Imtech – de technische dienstenverlener – als sterkste naar buiten gekomen, met de beste groeimogelijkheden. Bij de andere twee sectoren was de markt in feite al verdeeld onder een aantal grote partijen. Daar konden we niet veel meer bereiken. We hebben de farmaceutische en chemische activiteiten dus verkocht en de naam van het bedrijf veranderd in ‘Imtech’. Natuurlijk doet het even pijn als je afscheid moet nemen van een solide, winstgevende dochter als Interpharm. Maar op Europese schaal kwam het bedrijf er niet meer aan te pas. Als afronding van het hele proces hebben we het hoofdkantoor verplaatst van Rotterdam naar Gouda. In die tijd ben ik tot financieel directeur benoemd.
Het geld dat we voor de desinvesteringen hebben ontvangen, gebruiken we om Imtech te versterken. We willen een Europese speler worden, met een sterke positie in zowel elektrotechniek, werktuigbouw als informatie- en communicatietechnologie. Het is daarbij nadrukkelijk de bedoeling om aan cross-selling te doen, dat is de filosofie achter het hele concept.
Slechte timing
De doelstellingen zijn ambitieus: we willen een verdubbeling van de omzet tot 2,6 miljard euro in 2004. En een stijging van de bruto marge van vier naar zes procent. We hebben daartoe inmiddels een aantal acquisities verricht: in Duitsland hebben we het elektrotechnische bedrijf Rheinelektra verworven, in Nederland de telecominstallateur Datelnet. Achteraf gezien hadden we bij de aankoop van deze telecominstalleur overigens niet de beste timing: we hebben Datelnet weliswaar niet op het hoogtepunt van de markt gekocht, maar wel te vroeg en dus hebben we er te veel voor betaald. Vervolgens stortte de markt in elkaar en ontkwamen we er niet aan honderden mensen te ontslaan. We hadden beter nog even kunnen wachten, zo simpel ligt dat.
Toch staan we nog steeds achter de aankoop. Want vroeg of laat trekt die markt vanzelf weer aan en dan hebben we een prima uitgangspositie. Het is tenslotte een uitstekend bedrijf, daarvan hebben we ons van tevoren vergewist door een uitgebreide due diligence uit te voeren. Die gedwongen ontslagen waren uitsluitend te wijten aan de ingezakte conjunctuur.
Een paar jaar geleden hebben we een poging tot fusie met Stork ondernomen. Die is afgeketst en het is niet opportuun om opnieuw te proberen de afdeling Technical Services van dat bedrijf over te nemen. We hebben sindsdien acquisities gedaan die de leemtes in onze portfolio vullen die we in eerste instantie met Stork-onderdelen hadden willen dichten. Niettemin: ik sluit niks uit, we overwegen alles.
Onze beurskoers is het afgelopen jaar stevig gedaald. Dat is wel frustrerend ja, als je voortdurend bezig bent met investor relations en je ziet dat al die inspanningen niet resulteren in een hogere beurskoers. Maar slapeloze nachten heb ik daar echt niet van gehad. We moeten gewoon voortdurend uitleggen wat voor bedrijf we zijn. We opereren nu eenmaal in een markt die door de meeste consumenten niet herkend wordt. En de financiële wereld moet nog aan onze nieuwe naam wennen.
In de Benelux en Duitsland hebben we inmiddels een sterke positie opgebouwd. In Spanje en Engeland moeten we meer body zien te krijgen. De markt is op dit moment natuurlijk interessant omdat we relatief goedkoop kunnen inkopen.
Waar ik erg tevreden over ben, is dat we er in zijn geslaagd onze kaspositie sterk te verbeteren. Medio vorig jaar was die nogal geslonken, tot teleurstelling van beleggers. Inmiddels hebben we weer een nettokaspositie van honderd miljoen euro. Dat hebben we gewoon gedaan door klassiek werkkapitaalbeheer. Betere debiteurenbewaking, strakkere afspraken met leveranciers over betalingsvoorwaarden. Het hele gamma is uit de kast getrokken.”
Auteur(s): Gert-Jan Jansen
Bron: FEM Business , jaargang 6 , nummer 4 , datum 25-1-2003
Abonneer u op de gratis dagelijkse nieuwsbrief van fembusiness.nl
Neem een (proef)abonnement op FEM Business