Sponsoring: In de rij voor de weekendschool

In Amsterdam Zuidoost staat een school die alleen op zondag open is. Medewerkers van optiehandelaar IMC geven er in hun vrije tijd les aan allochtone kinderen. Ze leveren zelfs een deel van hun bonus in om het project te financieren.

Het is muisstil in de klas als de projector klikt en een immense afbeelding op de witte muur verschijnt. Een zwarte man zit gehurkt in de startblokken. “Wie weet de naam van deze atleet?”, vraagt Jaap Kooijman. Lang hoeft hij niet op het antwoord te wachten. “Jessie Owens. Hij won vier gouden medailles op de Olympische Spelen in Berlijn”, klinkt het in koor. Vol verwachting kijken 25 kinderen de leraar aan. Kom maar op. Volgende dia graag en een beetje snel.

Opnieuw een klik en dan het beeld van een vlag met de opdruk 28 augustus 1963. “Waarom is deze datum zo belangrijk?”, vraagt Kooijman. “Dat is de dag waarop Martin Luther King de speech ‘I have a dream’ gaf”, roept een jongetje luid en duidelijk.

Jaap Kooijman, gepromoveerd in de amerikanistiek, geeft het vak Amerika en blijkbaar weet de klas daar al veel van af. Deze klas bestaat niet uit hoogbegaafde kinderen, maar is een groep jongens en meisjes van allochtone afkomst, die op zondagmiddag naar hun weekendschool komen.

Een weekendschool? Ja, sinds januari 1998 staat in Amsterdam Zuidoost een school die alleen op zondagmiddag open is. Kinderen van tien tot veertien jaar komen er elke week naartoe. Vrijwillig. Omdat ze zich er thuis voelen en het leuk vinden nieuwe dingen te leren. De weekendschool is een project van International Marketmakers Combination (IMC). Deze optiehandelaar financiert de weekendschool, betaalt het salaris van de drie vaste krachten en verzorgt de logistieke ondersteuning. De vaste krachten zorgen samen met een aantal stagiaires voor de organisatie van de vakken, zoeken de gastdocenten en zijn er elke zondag bij. De school is gehuisvest in het AMC, is gratis en open voor elk kind.

“Een bedrijf is meer dan een verzameling werknemers”, verklaart Rob Defares (40) directeur van IMC. Het is zondagochtend en nog stil in de gangen van het AMC. Defares komt kijken hoe het met de weekendschool gaat. Hij is een van de drijvende krachten achter dit project: “Een bedrijf heeft een eigen identiteit en staat niet los van de rest van de wereld. Een kantoormuur is niet meer dan de drager van het dak. Het is geen scheiding tussen de maatschappij en het bedrijf. Als bedrijf moet je deel zijn van de maatschappij en je verantwoordelijkheid nemen. Doe je dat niet, dan kan het nooit lang goed gaan met het bedrijf.”

Alle werknemers bij IMC hebben in hun contract staan dat ze minstens twee dagen vrije tijd per jaar moeten besteden aan Het Goede Doel. Dit is de stichting die opgericht is door IMC en waaronder twee projecten vallen: IMC Weekendschool en Prisma, een sportproject voor verstandelijk gehandicapten. Hier blijft het niet bij. Elke maand wordt ook een deel van de bonus van de IMC-medewerkers ingehouden.

De optiehandelaar stort dit bedrag met een aan de bedrijfswinst gerelateerd percentage, variërend tussen de nul tot zeven procent van de omzet, in de kas van Het Goede Doel. Per jaar komt dit neer op enkele tonnen. Bij IMC werken 130 mensen, die ieder dus twee- à drieduizend gulden per jaar inleveren.

“Geld geven is voor mij niet echt een offer”, zegt Frank Onink, handelaar bij IMC. “Voor mensen zoals ik, die goed verdienen maar wel zestig uur per week in touw zijn, betekent het inleveren van vrije tijd veel meer.” Onink gaf vorig jaar het vak handel op de weekendschool. Samen met collega’s verzon hij een soort aandelenbeursspel waarmee hij de kinderen probeerde uit te leggen welke factoren van invloed zijn op de werking van een bedrijf. Onink: “Het is ontzettend leuk om te zien dat kinderen die eerst helemaal niet weten wat een aandeel is, later als bijna volleerde hoekmannen naar elkaar staan te schreeuwen.”

Pinar en Priscilla, allebei veertien jaar, zijn dikke vriendinnen. Ze komen al drie jaar elke zondag samen naar de weekendschool. “Nou ja, bijna elke zondag”, giechelt Pinar. “Vorige week had ik de avond ervoor een feestje en toen kon ik zondagochtend niet uit mijn bed komen.” Priscilla zegt wel eens een zondag over te slaan, maar meestal komt ze wel. “En thuis is het saai.” Pinar wil piloot worden. Priscilla droomt van een carrière als zangeres.

De weekendschool wil kinderen in aanraking brengen met aspecten van de maatschappij waar ze anders weinig toegang tot hebben. Kinderen uit Amsterdam Zuidoost kennen vaak geen mensen in hun omgeving met interessant werk. “Wij willen hun laten zien dat alles mogelijk is”, zegt Jeanine Blaauw, coördinator van de weekendschool. Advocaat, patholoog-anatoom, beurshandelaar? Als de kinderen interesse hebben, halen wij deze mensen naar de weekendschool om te vertellen wat het vak inhoudt.”

Voor het begin van het schooljaar gaan Blaauw en haar collega’s de scholen in Amsterdam Zuidoost langs om te kijken welke kinderen in aanmerking komen. Vaak zijn er meer kinderen enthousiast dan er plek is.

Als de kinderen gemotiveerd zijn, mogen ze komen. De school heeft duidelijke regels. Als je niet komt, moet je afbellen en bij binnenkomst geef je de juf of meester een hand. Meestal gaat het goed, soms ook niet. “Maar we sturen nooit iemand van school”, zegt Blaauw. “Als kinderen niets van zich laten horen, dan bellen wij ze zondagavond op en vragen om uitleg. En we blijven altijd met ze praten. Desnoods tot we erbij neervallen.”

IMC is van plan meerdere weekendscholen op te richten. Er zijn al ideeën voor een tweede weekendschool in Amsterdam-Noord en als er meerdere cosponsors gevonden worden, wil de optiehandelaar ook in de rest van Nederland soortgelijke projecten opzetten. Met liefdadigheid heeft het niets te maken en voor de publiciteit hoeft IMC het niet te doen, zegt Defares. IMC is een optiehandelaar die voor eigen risico en rekening handelt. Het bedrijf heeft geen particuliere klanten en werkt alleen met financiële instellingen.

“Ik geloof in de ideeën van de jaren zestig”, zegt Defares. “Ik geloof in gelijke kansen voor iedereen. En dat is ook waar wij als IMC voor staan: you can make a difference. Maar ik geloof niet in de aanpak van de jaren zestig. Met het zingen van liedjes als Love is all schiet je niets op. Daar verander je de wereld niet mee. Dat moet je op een meer professionele manier aanpakken.”

  • E-mail dit Artikel
  • RSS feeds
  • Nieuwsbrief